Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wie zou aan Dr. Kuijper »tot herstel van zijne ingeboete kracht" in de Haagsche zamenkomsten een reisje misgunnen naar Zwitserlands gebergte'? Wie hem niet gelijk geven, dat hij die reis zoo zonder eenigen omslag aanvaardde, en niet anders medenam dan het volstrekt noodige in een reisvalies? Van boeken ditmaal geen sprake, zelfs zoo weinig, dat een vlugschrift van Dr. J. H. Gunning niet eens door hem werd ingepakt, maar als zonder zijn weten in dat reisvalies even vóór zijn vertrek gestoken werd. Jammer maar-, dat Dr. Kuijper op bl. 21 van zijn antwoord op Dr. Gunning's vlugschrift niet gedachtig was aan het verhaal, waarmede hij was begonnen, en daar duidelijk te kennen geeft dat hij wel degelijk boeken had medegenomen, en wel de Nederlandsche gedachten van Groen van Prinsterer, waaruit hij een geheel stuk, III. 5, woordelijk aanhaalt. Nu zou men kunnen denken dat Dr. Kuijper wel niet in zijn reisvalies, maar toch in een reiskoffer eenige boeken had medegenomen, in geval het minder gunstige weder hem mogt beletten den Tschingel te beklimmen of in die heerlijke streken rond te wandelen. Maar neen, hij verzekert op bl. 8 dat hij te Interlaken geen enkel boek of geschrift te zijner beschikking heeft. En hieruit volgt, dat èn die verzekering, èn het verhaal van die in het valies ingestokene brochure tot die oratorische kunstgrepen behooren, waarvan een man als Kuijper zich niet behoefde, en

Sluiten