Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Laat ons een andere vraag stellen. Is de godsdienst die op openbaringen gezegd wordt te rusten, onveranderlijk? Is er in de openbaring geen vooruitgaand, opklimmend karakter op te merken? Ik meen, ja.

Het optreden, de handelwijze en de woorden van Jezus alleen geven daarop reeds het antwoord. Jezus veranderde veel in de godsdienstige denkbeelden van zijne tijdgenooten en wees op nog veel meer onthullingen, die zij op dat tijdstip nog niet dragen konden. Hij beloofde een latere openbaring, een Trooster die komen zou om ons in alle waarheid te leiden.

Is dat woord gelogenstraft? Zal het nooit vervuld worden? Is er wasdom, is er ontwikkeling voor de christelijke gemeente mogelijk? Of moeten wij in alles op dezelfde hoogte blijven? Eeuw in eeuw uit blijven denken zooals de joodsche christenen in de dagen der apostelen dachten? Het is een dwaze eisch. De kerkvaders en de Concili├źn hebben dan ook nu dit, dan dat punt veranderd of op den voorgrond gesteld en de hervormers hebben den drang van den tijd gevoeld en veel aan het licht gebracht, hoewel zij meer de misbruiken bestreden dan de leer getoetst en gezuiverd hebben, en wellicht is aan geen vraag minder belangstelling gewijd, dan juist aan deze: ┬╗Waar is de mensch als wij hem gestorven noemen?

Wanneer er een kind vermist wordt, dan wordt er geen moeite gespaard om het op te sporen. Waar is het gebleven? Wat is zijn lot? Hoe is zijn toestand? Men geeft het niet op totdat men verneemt: het is dood. Dan is het of de belangstelling vernauwt en er niet meer naar hem gevraagd mag worden.

Wanneer de menschehjke geest niet gansch en al stomp is gemaakt door ongeloof of dogmatisme, zal hij echter blijven vragen: Waar is dat Mnd ? Zou hij opgroeien ? Zou hij vreugd of leed gevoelen? Zal hij aan ons denken? Zal ik hem ooit wedervinden ?

Het is mij niet genoeg te denken dat ik zal voortbestaan; ik moet ook weten op welke wijze ik bestaan zal, in welke betrekking ik tot mijne dierbaren staan zal, wat er van hen is geworden.

De kerk blijft het antwoord schuldig; zij wijst op het Bijbelboek en zegt: dit is een volledige, onfeilbare openbaring van Gods wege voor alle eeuwen. Maar zij vergeten dat de Apostelen en Evangelieschrijvers niet alles te boek gesteld hebben wat er in die dagen ervaren en onderwezen was. Want wat staat er weinig geschreven over het eeuwige leven, dat ik tege-

Sluiten