Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

samenhangen, zoo Hebr. rni3J met -oj „manlijke kracht", enz., Arab. moeroe'a „moed, kracht" van mar' „man".

Hebr. n'n ..het levende > „gedierte". Evenzoo Gr. £<por, Roem. vita „vee".

Woorden voor „hoofd" hebben zich zoowel in de Semietische als in de Indo-Germaansche talen vaak ontwikkeld uit die voor „schaal", „beker" e.d.1) Vgl. Ned. hersenpan, Ned. kop, Fr. tête (< testa), Sp. casco. Gr. xegoaAj? (Sanskr. kapala = „schaal"), Syr. jtnflfnp , Arab. kahf. Gr. oxdcpiov, Hebr. wellicht rbjbï ' verw. met rhl „schaal", Talm. nnp 2) en KmOT tUD 3). — Correspondeerend hiermee worden ook woorden voor „hoofd deksel" vaak afgeleid van die voor „kelk, beker", vgl. Hebr. rwaJö, WD JDlp met jpaj ,ruöp . Ff. casque, casquette.

Ned. stam beteekent zoowel een „boomstam" als een „volksstam". Wij hebben hier met een metaphoor te doen, die in zeer veel talen gebruikelijk is (Lat. stirps enz.), en die duidelijk tot ons spreekt (een merkwaardige verbinding in dit verband is ons woord „stamboom"). In het Hebr. kan men bijv. vergelijken yrj ■ Maar in het Hebr. heeft men nog iets anders: de

woorden nt3D en t53# beteekenen beide: „stok, staf" en „volksstam". Gressmann4) zegt hieromtrent het volgende: „Jeder „Stammeshauptling ... hat einen Stab; da es (nach der Theo,,rie) zwölf Stamme gibt, sind auch zwölf Stabe vorhanden. „Diese Sitte muss uralt sein, da nach den Staben auch die „Stamme benannt sind; denn dasselbe hebraische Wort be„zeichnet den Stab und den Stamm. Wir haben einen ahn„Uchen Sprachgebrauch, wenn wir von einem „Generalstab" „oder von einem „Stab von Arzten" reden; es ist die Schar, „die sich ursprünglich um einem Stab versammelt." Deze uit-

*) Vfll. Prankel, Aram. Fremdwörter p. 164.

2) Zie Levy, Neuhebr. und Chald. WB. s.v.

8) Vgl. Scheftdowitz, o.l. p. 150.

4) Mose und seine Zeit, Göttingen 1913, p. 282 v.

Sluiten