Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

|WUn p bv DUJ DTD ?]T is een woordspel bedoeld, dat men nog niet had opgemerkt1); de juiste vertaling is: „Gij zegt: „neen, wij zullen op onze paarden springen"; daarom zult gij vluchten." 2) — Uit deze beteekenis van oM wordt ook pas de verbinding man DJ*I (Ri. 9, 21) begrijpelijk.

Het afglijden of neerdalen van het rijdier is het teeken van het zich ergens neerlaten, neerstrijken, „zich vestigen". Zoo Hebr. hs: „afstijgen". Gen. 24, 64 en zie Ri. 7, 12: pÖJD E&Si Gen. 25, 18: ?BJ mtt b UB 7P„vestigde zich" 3), vgl. ib. 16, 12: ptï» WW ?3 '33 Talm.-Syr. aar „afdalen", N33Ur „buur" (vgl. ptf) ,Nni33tf „woonwijk, buurt". Verder: Jjpntfn, Arab. nzl, „afstijgen", manzü „woning". Evenzoo Arab. sakata (syn. met Hebr. h>3J)'ua foelan: „bij iemand zijn intrek nemen".

Ook het losmaken (van zadel en bepakking) (vgl. rinsn OvDjn, Gen. 24, 32) wijst op het halt maken, het zich neerzetten. Vand. Aram. VTW (Krrmtfü = Hebr. rurra „legerplaats, woonplaats"), Arab. halla - mahal, Gr. xaxdXv^a, Ned.: een uitspanning 4).

Het ('s avonds) terugkeeren in de tent leidt tot de idee van rust. Vand. dat Hebr. 3UP naast „terugkeeren" ook „rusten" beteekent5): Jer. 4, 1: het tweede 3Ufn „Gij zult rust vinden", subst. (nnjl) mw , Ps. 23, 3: 33UP nPSJ . Evenzoo Arab. rg „terugkeeren" — Hebr. J?jT , dat niet in de eerste plaats beteekent „oogenblik", maar „poos" (< pauze; vgl. pp WO) WHO „rust"6), vgl. Ned. verpoozen. — Hebr. mi is identiek met Arab. nêh „neerknielen" (kameel).

1) Zie Isr. Eitan in: „Hebrew Union Coll. Ann. XII—XIII 1937/38, p.72.

2) De behandeling van den stam DIJ en zijn derivata in Gesenius, WB. is onbevredigend.

a) Onjuist Böhl (in Tekst en Uitleg): „was tot last".

4) Andere ontwikkelingen uit het begrip „losmaken" zijn: 1. „beginnen": Aram.-Syr. TC, Hebr. br\n fflWlFl, 2. „veroorloven": Aram. >HC

Arab. halla (halal), laat-Hebr. "Win »*K5B, Syr. SttHK. Opp.: binden > verbieden, laat-Hebr. "©M ,WI (zie Levy, Talm. WB.)

5) Zie hierover D. Yellin, in Miwh, V, p. 284.

e) In de WBB. (zie bijv. Gesenius s.v.) heerscht hier weer allerlei

Sluiten