Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn strijd volstreden. Ongeveer ten vijf ure in den morgenstond90) was Ds Everts, in den ouderdom van 30 jaren, overleden.91)92)

We keeren terug naar Geesteren.

Daar treedt in de vacaturetijd na het vertrek van Ds Evers Jan Meengs sterk op de voorgrond. Hij wordt opnieuw benoemd tot catechiseermeester. Straks wordt hij naast zijn vader D. Meengs benoemd tot ouderling (1850), terwijl Waander Kulsdom in zijn plaats diaken wordt.

' Uit alles blijkt, hoe de leiding der gemeente in handen van Meengs is. Goed op de hoogte als hij is met de kerkelijke toestanden van die dagen, die zeer verward waren, wordt hij telkens door de Classis Varsseveld afgevaardigd naar de Prov. Synode van Gelderland en is hij zelfs soms aanwezig op de Generale Synoden.98)

Zijn leiding gaat in het spoor van Brummelkamp, in de geest van den Achterhoek. Vrijheid gaat boven gebondenheid. Alle vormendienst moet geweerd. Als er in 1857 een Generale Synode bijeen zal komen waarop verschillende besluiten genomen zullen worden, die de gemeenten kunnen binden94), vraagt Meengs: „hoe „denkt de Gemeente wanneer Hij zich genoopt gevoelt om ten-

»'>) 12 Juli 1849.

si) Verslag Synode 1849 pag. 4, 5. t ~

<«) Uit Notulen Kerkverg. 5 Aug. 1862: Voorgelezen eenen brief van Ds ten Bokkel te Ommen behelzende een verzoek om eene bijdrage in het onderhoud der wezen van wijlen mejuffrouw Ds Evers. De verg. hiervan notleüe nemende voorgeligt door een Lid derzelve welke zegt zich te herinneren dat door wijlen genoemde Mejufvrouw bij haar leven voor haar kinderen was gebruik gemaakt van hooger onderwijs waarvan slechts enkele der voornaamste ingezetenen van de plaatselijke Oem. Ommen zich hadden laten dienen, terwijl buitendien daar ter plaatse bestond eene bijzondere kerkelijke Gemeenteschool,

Weshalve de Verg. om deze en dergelijke redenen oordeelt dat de bestaande behoefte wel niet van dien aard scheen dat U| een. niet< gering gevoel aan eigen pUgtvervulling een beroep op de milddadigheid naar buiten kon gewettigd worden, tengevolge waarvan de verg. éénstemmig besluit om de aanvraag tot ondersteuning in het tegenwoordig geval re wijzen van de hand. Ze wil echter hiermede niet geacht zijn een blijk van onverschilligheid te hebben gegeven nopens het onderhavige waarom ze dan ook dadelijk van hare goede gezindheid doet blijken door zich wederom éénstemmig te verklaren dat bij eene dringende behoefte der wezen ter eene, en bij een volstrekt onvermogen der Gemeente, Dlakonie ot Provinciale weduwenkas ter andere zijde zij zich niet zou onttrekken om door vrijwillige bijdragen of uit de Diakonlekas die geldelijke hulp te verschaffen tot welke men zich bij staat van vermogen zedelijk verpltgt moest rekenen. Welk besluit der Verg. door den Voorz. zal worden ter kennis gebracht van den briefschrijver. 98) 0.a. In 1846 en 1857. Zie Rullmann a.w. pag. 303. 94 Bezwaren van Meengs en met hem de gemeente betretten: 1 Het alarm van F. A. de Kok ten opzlgte van de werkzaamheden van 'de provincie Gelderland, ten 2de. Joffers, de Wagterstem. ten 3de veroordeeling van Erskine en Monöt. en ten 4e. weigering van iemand te ontfangen die niet het zoogenaamde Amptsgewaad draagt enz. isot. iv Mei 1857.

Sluiten