Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dames en Heeren!

Er is u aangekondigd in de convocatie voor deze vergadering dat ik in de inleiding voor dezen praatavond — want dit is bet karakter van onze bijeenkomst — zal spreken over het voorname punt van verschil tusschen Antirevolutionairen en ChristelijkHistorischen.

Laat ik u aanstonds zeggen, dat dit ter voldoening is aan een verzoek, zooals ook uit de mededeeling van uw Voorzitter reeds bleek. Niet, alsof ik de mededeeling hiervan van groot belang acht. maar het is evenmin geheel onverschillig, in zoover als ik er uit mij zelf misschien niet toe zou gekomen zijn te spreken over een verschil, laat staan over een verschil tusschen geestverwante groepen. Wij leven in een tijd van een zoo verwarrende veelheid van verschillen op ieder gebied, dat er waarlijk geen behoefte aan is door daarover te spreken die nog toe te spitsen. Wel dient hierbij gedacht te worden aan den invloed van de pers, die dag aan dag uit alle hoeken van de wereld haar berichten ontvangt omtrent hetgeen er omgaat op ieder levensgebied en den wirwar daarvan in letterlijken en figuurlijken zin in beeld brengt. Of er vroeger minder verschil was onder de menschen, ik weet het niet, waag het zelfs te betwijfelen, maar het bleef meer binnen eigen, beperkten kring en werd niet het deel van de gansche wereld. Men had dan in dien kring met de verschillen en de daaruit voortkomende ruzies ■— als mij dat woord geoorloofd is — al moeite genoeg; maar tegenwoordig komen wij door de pers in aanraking met al de verschillen ter wereld zoodat wij onwillekeurig den indruk krijgen, dat er niet veel anders gedaan wordt dan krakeelen, twisten en strijden en de gedachte soms opkomt: hoe is het mogelijk, dat de aardbol nog altijd op dezelfde wijze blijft rondwentelen. Ik zal daar niet meer van zeggen doch constateer alleen, dat de druk van die ontelbare verschillen onder de menschen-kinderen zich zwaarder dan ooit doet gelden. Uit dit oogpunt verdient het aanbeveling, daaraan minder aandacht te geven dan beslist noodzakelijk is en liever op het verkleinen, zoo mogelijk terugdringen van die verschillen bedacht te zijn.

Wanneer ik dan toch aan het verzoek om over het verschil tusschen Antirevolutionairen en Christelijk-Historischen te spreken voldaan heb, is dit, omdat ik dat verzoek begrijp en bij eenig nadenken als achtergrond daarvan gezien heb niet de begeerte, om verschillen toe te spitsen, zelfs niet om die zonder meer in stand te houden, maar integendeel om zich op de beteekenis en nu bepaaldelijk van het genoemde verschil te bezinnen, met de

Sluiten