Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de eeuwige straf verdiend hadden, verlostte en vernieuwde door Zijnen H. Geest; hen, van sla ven, der zonde en des Satans, tot kinderen Gods, tot erfgenamen met Christus, en erf wachters van eene eeuwige zaligheid maakte, doen als vlammen van liefde, die door vele wateren niet kunnen gebluscht wórden, in het gemoed opstijgen, zoodat de godvruchtige, die zich dankbaar in God verlustigt, met hart en mond uitroept: hartelijk zal ik U liefhebben Heere, mijne sterkte! O! die innige en teedere liefde, die door het geloof in het hart der godzaligen opgewekt en aangevuurd wordt, is beter te gevoelen dan te bespreken; dit zal een godvruchtig lezer mij gaarne toestemmen; en altijd blijft - er eene begeerte om God meer lief te hebben; zij kunnen zich hierin niet voldoen of verzadigen, dat zal in de eeuwigheid eerst plaats hebben.

Hoe veel liefde werkt dit geloof ook omtrent den gezegenden Borg Christus, die om hunnent wille, welke de Vader Hem gegeven heeft, zich zoo diep vernederde, dat Hij aan een kruishout voor hen wilde sterven. O hoe dringt hen door dat geloof de liefde tot Hem en nooit kunnen zij het uitdrukken wat zij gevoelen voor dien Geest die hun geschonken is, die hen heeft wedergeboren, die dat dierbaar geloof in hunne harten werkte, die hen vernieuwde; die in hen woont, hen leert, leidt, bewaart, vertroost en bij hun blijft tot in eeuwigheid. O dierbaar geloof dat den heiligen is overgeleverd! roept ieder waar Christen uit, hij welgesteld-

Sluiten