Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten of tranen (hoe aangenaam en hegeerlijk anders) kunnen hem redden. Alles buiten hem maar in Jezus; ach! Jezus mogt hem, den alleronwaardigsten in zichzelven gedenken en Zich zijner ontfermen; hij begeert niet maar alleen om door Jezus namaals gelukkig gemaakt te worden, maar om hier door Hem geleerd, gereinigd en geregeerd te worden. Al zijne begeerten gaan uit naar Jezus; zijn zielsverlangen is om Hem tot zijn deel te hebben; hierbij is alles wat in de wereld is niet te schatten; steeds roept hij met een gevoelig hart en een oog vol tranen uit:

Geef mij Jezus, of ik sterf! Buiten Jezus is geen leven, ^yfe Maar een eeuwig zielsverderf.

Hij erkent nu de volle algenoegzaamheid en magt van den Heere Jezus; dat bemoedigt hem : Jezus kan zalig maken; Hij heeft ook een inzien in zijne gewilligheid, om hetgeen Hij kan, ook te willen doen; dus Jezus kan niet alleen, maar wil ook zalig maken. Maar er ontbreekt nog iets aan; de gewilligheid van Jezus beschouwt hij ook meer in het algemeen, dan wel voor hem in het bijzonder; hij kan somtijds denken: Ach ware Jezus zoo gewillig als ik, dan was ik geholpen; hij heeft Jezus nog niet in dat alles voor zichzelven Jeeren kennen en geloovig mogen omhelzen, en kan met den Catechismus nog niet zeggen: dat niet alleen anderen, maar ook mij vergeving van zonden, eeuwige geregtigheid en zaligheid, uit loutere genade geschonken is. Hij is van zijne eigene

Sluiten