Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geplaatst is en vervallen moet, waartoe hem van zichzelven alles ontbreekt, en welke hem veeltijds doen zuchten. Hoe veel leed draagt menig godvruchtige wegens een bekrompen bestaan en donkere vooruitzigten, zoodat een last van zorgen het gemoed nederdrukt, dewijl ieder morgen zijne bestraffingen als nieuw zijn. O! waar bleef de zwakke, de behoeftige, de onder een zwaar kruis gebogen reiziger door deze woestijn, had hij geen geloof, geen waar geloof in Christus, dat zich ook kenbaar maakt in bemoediging en vertroosting te schenken, onder de rampen dezes levens.

Wie zoude in staat zijn om dat alles aan te voeren, wat een waar Christen, die bij al het gebrek dat hem aankleeft, in opregtheid voor den Heere leeft, op den weg naar den hemel, tot zijne bemoediging en vertroosting mag ondervinden. O hoe levert zijn geloof hem hier ook heerlijke vruchten, waardoor hij roemen kan in de verdrukkingen. Het zegt minder, om -in eenen weg van voorspoed gemoedigd zijn pad te bewandelen, dan van vertrouwen op God, van lijdzame onderwerping te spreken; dan zijne zorgen %voor de toekomst op den Heere te werpen en anderen daartoe op te wekken, gelijk men dit zoo dikwerf hoort van zoodanige menschen die alle tijdelijke zegeningen genieten, naar de begeerten hunner harten; van zoodanigen, die als geene zorgen kennen, en wier beker overvloeijend is. Wij willen niet zeggen dat, onder de zoodanigen, zij die ook den Heere leerde kennen, deze betuiging

Sluiten