Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ongeschikt was verklaard voor den militairen dienst en zijn plaats in school weer kon innemen.

Van officiëele feestelijkheden ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan der school werd afgezien, evenals ook nu, bij het 75-jarig bestaan en soortgelijke omstandigheden.

Wel zou aan de plaatselijke predikanten worden verzocht, den zegen aan de school geschonken, te gedenken in gebed en predikatie. Een ingezonden stukje zou worden geplaatst in „Vrije Fries" en „Standaard".

Zoo goed en zoo kwaad als het ging werd het werk in school voortgezet, ook zonder dat in de ledige plaats tijdelijk was voorzien. Meester Koelmans behaalde in dien tijd zijn hoofdakte. Hij vervulde ook, als oudste, na zijn terugkeer uit den militairen dienst de functie van plaatsvervangend hoofd.

In t begin van Januari 1915 werd ook Meester Veerman voor den dienst bij het leger afgekeurd. Zoo was er hoop, dat ook hij spoedig zijn plaats in school weer kon innemen; evenwel: hij was nog ongesteld. Een paar maanden had hij in het militair hospitaal te Utrecht doorgebracht. Op den 8sten Februari kon men hem in de Bestuursvergadering opnieuw welkom heeten en kon hij zijn schoolwerk weer hervatten. Aan de onderwijzers Lautenbach, Koelmans en Smedes werd een gratificatie verleend voor hun meerder werk, gedurende de afwezigheid van het hoofd.

Nu werd besloten ook eens weer een ouderavond te houden, wat gedurende het hoofdschap van Meester Kuil ook min of meer geregeld had plaats gehad. Deze werd gehouden op 22 Febr. 1915 in blijde stemming, omdat nu het werk aan de school weer geregeld kon loopen.

Op de daarop gevolgde jaarvergadering op 30 Maart werd nog door den secretaris, den heer J. C. Kooistra, in een historisch overzicht het 50-jarig bestaan der school herdacht.

Nog waren evenwel de zorgen niet voorbij. Meester Koelmans werd. na herkeuring, opnieuw tot den militairen dienst opgeroepen, en tot Dec. van dat jaar vastgehouden, toen hij, na gedaan verzoek van het Schoolbestuur aan den Minister,- verlof verkreeg, om weer naar zijn school te trekken.

Ook werd Meester Veerman door zijn kwaal, waarom hij uit den militairen dienst was ontslagen, opnieuw dermate geplaagd, dat alleen een operatie, naar het oordeel van zijn geneesheer, baat zou kunnen brengen. Hij ging daartoe naar het ziekenhuis Eudohia te Rotterdam, waar onder Gods zegen de operatie gunstig verliep, en hij spoediger dan was gedacht in de school kon terugkeeren. (14 Sept. 1915).

Een poging van het Bestuur, aangewend bij Meester Meinte K. Hoekstra, om te besluiten tot het nemen van eervol ontslag, wijl hij in dien tijd vrij veel de school moest verzuimen, tengevolge van zijn lichaamsgebreken, slaagde niet, omdat men het over de voorwaarden niet eens kon worden en het Bestuur de zaak niet wilde forceeren uit zedelijke motieven en men overigens niet anders dan groot respect had voor den arbeid door Meester Hoekstra, trots zijn zwak lichaam, in de school verricht. Op 1 Juli 1922 werd zijn 25-jarig ambtsjubileum feestelijk gevierd.

Had de mobilisatie voor de school onderscheidene moeilijkheden meegebracht evenals voor de onderwijzers èn bij hun werk in school èn tengevolge van de voortdurende prijsstijgingen, die door de salarisverhoogingen krachtens de Wet niet konden worden bijgehouden, het ontbrak Ook niet aan lichtzijden.

Bij velen der ingezetenen vloeiden de inkomsten ruimer, wat ook het hart ruimer maakte.

Sluiten