Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar (hoor ik mij tegenwerpen) is eene Kerk zonder Belijdenis denkbaar? is de loslating van den aloudenband der Formulieren geene wettiging van de wanorde ?

Neen ! wij betwijfelen het niet, tot het wezen eener Ghrfitelijke Kerk, zoowel als tot de roeping van eiken Christen behoort belijden. Maar tusschen belijden en het onderteekenen van Belijdenis-sc/in/ïm is het onderscheid toch nog beduidend. In tijden van schudding, van worsteling, van crisis wellicht, als de onze ook op het grondgebied der Godsdienst is, wordt tegenover nieuwe vormen van dwaling ook een meer versche vorm van belijdenis der hoogste waarheden, dan de toetreding alleen tot eene vroegere, vereischt. En waarom zouden wij het oogenblik niet meer mogelijk achten, waarop de Kerk ook van onzen tijd, (maar in de taal, in de vormen, en naar de bedeeling dan ook van onzen tijd,) zoude mogen rekenschap geven van haar geloof, van hare hoop , van de panden, die haar èn eertijds èn nog heden van den Heer der Gemeente zijn toebetrouwd ? — Hoe dit zij, ook niet onderteekend, ja zelfs niet beschreven, is de Belijdenis, die onze Hervormde Kerken onderscheidt, wereldkundig genoeg uit hare geschiedenis, uit de schriften harer Voorgangers, uit de aanvallen zelve harer vijanden. En voorts! elke Christelijke Kerk bestaat en belijdt, aleer zij die belijdenis nog op schrift heeft gebracht. Of zoude er geen Evangelische Kerk beslaan hebben, voor dat in 1530 de Confessie van Augsburg werd vastgesteld? geene Nederlandsche Hervormde , voor dat in 1566 de Zeven en Dertig Artikelen op schrift stonden, of de Heidelbergsche Catechismus in onze taal was overgebracht? Gelijk de Kerk dan vóór de onderteekening, ja vóór het bestaan zelfs eeiM

Sluiten