Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vooral heb ik door mijn inleiding getracht, onze discussie te beschermen tegen versplintering. Op zichzelf levert het geen bezwaar op, als Yan der Leeuw onder verschillende titels zijn bezwaren tegen mijn boek formuleert. Dat kan de overzichtelijkheid en de duidelijkheid bevorderen. Doch ik meen inderdaad wel, dat in zijn artikel niet voldoende aandacht is besteed aan de orde, waarin mijn argumenten tegen de liturgische beweging optrekken. De samenhangen binnen het Gereformeerde liturgische handelen, zooals ik die zie en heb zoeken te beschrijven. Daarbij denk ik b.v. aan de dialectiek tusschen het pastorale en het eschatologische, zooals ik die heb uitgewerkt in het hoofdstuk over Woord en Sacrament en in dat over Offer en Liturgie. Wanneer het Woord daarbij de Reiziger en het Sacrament de Blijver blijkt te zijn, dan liggen daarin gevolgtrekkingen voor het karakter van de liturgie opgesloten, die men alleen goed kan waardeeren in verband met den geheelen samenhang. Het sacrament wordt daarbij beginsel van gemeentevorming, wat het in het N.T. ook heel duidelijk is. Dat is toch niet zoo heel weinig.

Wanneer Van der Leeuw meer op deze structuur van mijn boek had gelet, zou hij er wel niet toe gekomen zijn om in zijn artikel (171), onder het kopje Woord en Sacrament? mij in den mond te leggen, dat het Sacrament zonder het Woord „bijna niets" is. Dat was op pag. 53 van mijn boek de vertaling van fere nihil, dat mij uit Calvijn's Institutie in de ooren lag, maar dat ik op dat oogenblik niet kon localiseeren. Uit het verband blijkt echter duidelijk, dat ik Calvijn citeer. Van der Leeuw verweet mij dat ik dat durfde zeggen. Hij merkt nu, dat het waagstuk niet zoo heel groot was.

Wel verre echter van daardoor, in de richting van een terugschuiven van het Sacrament achter het Woord, overmoedig te worden, zoodat ik het ook durfde zeggen, omdat Calvijn het zei, ben ik in dit deel van mijn boek min of meer tegen Calvijn ingegaan. Ik ben althans voor de zelfstandigheid van het sacrament opgekomen, waardoor God op eigen wijze tot ons komt, zoodat wij niet naar de teekenspraak, maar geestelijk tusschen Woord en Sacrament moeten onderscheiden. Ik heb dit als de ware zin van de Gereformeerde sacramentsleer zoeken aan te wijzen.

Wanneer het Sacrament daarbij, tegenover het Woord als Reiziger, als Blijver verschijnt, dan komt dat overeen met de gemeentelijke praktijk. Het heele catechumenaat, de onderwijzing van den nawas van de gemeente, verloopt tusschen de sacramenten. De jonge menschen worden niet voor zendelingen opgeleid, maar voor blij veis. De catechisanten leeren ook niet, om straks op den preekstoel te

Sluiten