Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

malig liturgisch verval daarvan), waardoor in Zwitserland en elders de tegenstanders van Calvijn er in geslaagd zijn om het werk der hervormers op liturgisch gebied ongedaan te maken en waardoor vele hervormde kerken verstoken zijn gebleven van een eigen reformatorisch gebedenboek en een eigen reformatorische liturgie. Wat men ook tegen de Engelsche Kerk van vroeger of nu zou kunnen aanvoeren: het zal immer haar grootste rijkdom blijven, dat zij met haar reformatorische liturgie klaar geweest is (n.1. in 1552), voordat de epigonentijd met zijn onreformatorisch, onschriftuurlijk en te ver doorgedreven puritanisme was aangebroken en dat zij deze reformatorische liturgie — zij het omstreeks 1650 dan ook ternauwernood — tegen puriteinsche afbraak heeft weten te bewaren. Thans profiteeren alle z.g. vrije kerken van Engeland daarvan, want zij allen zijn onder invloed van de Anglikaansche liturgie reeds lang bezig met een volkomen herstel van den dienst in vol-reformatorischen zin.

Maar — zoo zal men zich afvragen — wat moeten we dan verstaan onder liturgie in uitgesproken reformatorischen zin? Het is inderdaad van het grootste belang, dat wij ons op deze vraag goed bezinnen. De oudste christengemeenten zijn niet begonnen met op synodes en concilies een uitgewerkte leer samen te stellen en deze vast te leggen in een uitvoerige belijdenis en catechismus: zij zijn eenvoudig begonnen met samen te komen om — zooals de Joden dat reeds gewoon waren — gemeenschappelijke gebeden, lofprijzingen en dankzeggingen op te zenden, psalmen te zingen, naar de schriftlezingen te luisteren en nu ook bovendien geregeld te luisteren naar de prediking van het Evangelie en te zamen wekelijks (misschien zelfs dagelijks) de verlossing uit de macht van zonde en dood te vieren op de wijze zooals Christus dat nadrukkelijk aan de zijnen had opgedragen bij de inzetting van het Avondmaal. Yan het begin af aan is er dus geweest een christelijk gemeenschapsleven, waardoor de individueele gebedsgemeenschap van den enkeling met God werd gedragen.

Christus heeft zijn geloovigen niet als eenzamen elk voor zich apart in deze wereld geplaatst, maar Hij heeft hen tot een hechte eenheid en gemeenschap saamverbonden in de Kerk, die Zijn Lichaam is. Hiervan is de geregelde onderlinge bijeenkomst (dat wil zeggen: de liturgie) de concrete vorm. In dezen geregelden „dienst wordt het Evangelie verkondigd, maar er gebeurt in dezen dienst veel meer: het gemeenschappelijk gebed en belijden, danken en aanbidden vindt hier zijn gemeenschappelijken uitdrukkingsvorm. Er is van den eersten dag af aan liturgievorming geweest en daarbij is er nooit een tegenstelling aan den dag getreden tusschen prediking en de rest van de

Sluiten