Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huwelijksvoltrekking als hoofdzaak, het kerkelijke huwelijkssacrement als bijzaak, als eene onwezenlijke plegtigheid voorstelt, en alzoo strekt om aan het huwelijk tusschen katholieken zijn godsdienstig karakter te ontnemen ')."

Ten aanzien van het hooger onderwijs roemt de Schrijver het, dat de hoogleeraren aan de Rijks-Universiteiten van allen band, wat den materieelen inhoud van het onderwijs betreft, ontslagen werden. Het Koninklijk besluit van 2 Augustus 1815, te dezer zake betrekkelijk, gaf eerst in waarheid „eene vrije Universiteit2)." Gewis men was thans vrij tot zelfs Gods Woord te wederspreken. Maar ontviel niet daardoor den Universiteiten juist een der hechtste waarborgen voor waarlijk vrije, niet door misleidende invloeden overheerschte beoefening der wetenschap? Met instemming haalt de Schrijver de woorden aan, door Mr. V issering eenmaal omtrent dat Koninklijk besluit gesproken: „Het was op liberale grondslagen gebouwd." En zeker was in dat Besluit noch ook in de wet van 1876 als uitdrukkelijke bepaling opgenomen, dat de leerstoelen slechts door aanhangers van ééne staatkundige richting zouden worden bezet.

Zoude het echter zoo gansch ondenkbaar wezen, dat een toekomstig geschiedschrijver omtrent den toestand onzer Rijks-Universiteiten sedert 1815 zich in dezer voege uitliet: „Eene schaduwzijde van de inrichtingen voor hooger onderwijs was voorzeker de band, die ze vastklonk aan de ongeloofsdenkbeelden van die dagen De zoogenaamde vrijzinnigheid drukte als eene nachtmerrie op den beoefenaar der

') Verzoening en Herziening, I, bi. 28.

2) Het behoeft geen betoog, dat als van de Vrije Universiteit to Amsterdam gesproken wordt, dan onder dit adjectief gansch iets anders wordt verstaan: eenvoudig dit, dat de instelling niet van het openbaar gezag uitgaat. En dit spraakgebruik is gewettigd. Zoo spreekt men ook van de Vrije Universiteiten b. v. in België. In denzelfden zin wordt de advocatie een vrij beroep geheeten, en hoort men van een vrij notariaat.

Sluiten