Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar zonder een schijn van bekommering zelfs om het leven, dat daarbinnen wordt geleefd; de mannen van de oppervlakte, die in een klaren spiegel zich verlustigen, maar zonder zich te bekreunen om wat daar in de diepte wegsterft, ze kunnen nooit de kerk bouwen, omdat met doode steen de kerk van Christus zijn muren nimmer rijzen ziet. O, snijdt vrij allen af, die niet op »het bloed van vreemde smetten vrij," in der vaderen kerk bogen kunnen. Meefalles in uw kerk tot met het uiterste van uw onberispelijk meetsnoer. Brengt uw belijdenis in uw kerk weer tot onbetwiste heerschappij. Ja, laat de uitwendige gedaante uwer kerk naar de zuiverste lijn worden opgetrokken, om de kerken aller landen tot jaloerschheid te verwekken, en een kerkstaat te vertoonen, zoo onbevlekt en ongerimpeld, als nooit de loop der eeuwen die aanschouwd

heeft En toch, hoe bouwkunstig schoon dat huis ook in

zijn lijnen blinke, den naam van Christus zelfs mag uw kerk niet dragen, zoo ge het leven bant, uit vrees, dat men uw vernis bezoedele, en Gods Geest buitensluit, duchtend, dat zijn machtig werken straks uw schoon plaveisel scheure. Zulk een kerk, ach, wat zou ze anders zijn dan een weelderig Lazareth, doch waar én arts én medicijn ontbraken, en wie draagt daar zijn kranken heen? Neen, Gel.! het »gegrond," het »gefundeerd" zijn, kan u niet baten, zoo ge ook niet een leven hebt, dal op den eeuwigen wortel bloeit.

Eindelijk, daar is een laatste strooming, of laat mij liever zeggen, er hangt over Jezus' kerk een druipende wolk, die, zich nu hier dan ginds ontlastend, gedurig kleine beekjes ritselen doet, maar wier kenmerk het juist is, dat ze zich nimmer vereenigen tot een stroom. Gij kent dat streven. Waar zoo vraag ik, bespeurdet ge niet zijn bezige hand, in welken akker vindt ge zijn voetstap niet afgedrukt! 0! ik heb hem lief, dien bekeerenden ijver, die, niemand sparend, elk aangrijpt, en door elk beletsel heendringend, telkens nieuwe bekeerlingen met zich voert, als buit voor onzen Heer. — En toch, ik mag het niet ontveinzen, er is in dien rusteloozen drijfjacht, wat mij verontrust. Bekeering wordt gedreven,

Sluiten