Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoeken in zijn dood. «Ik heb geen lust in den dood, «in het doodblijven, van den zondaar, maar daarin dat «hij leve,» dus luidt het raadsbesluit van onzen God, waarvan de bijzondere openbaring in haar vollen omvang de uitvoering was. Juist daarin betoont Hij zijn ontferming, dat Hij tot den zondaar heeft willen spreken, en de stilte zijns doods heeft afgebroken door zijn heilig woord in eigen vorm tot zijn doorpriemde ooren te doen doordringen. Dit is de genade, dat de Fontein des levens zijn leven in den dood des zondaars heeft doen uitvloeien, in een vorm, naar zijn behoefte, en naar den eisch zijner innerlijke verduistering berekend.

Reeds hieruit blijkt overtuigend, dat het «woord Gods» nimmer als uitdrukking eener afgetrokkene gedachte mag worden opgevat. Één oogenblik buiten samenhang met het eeuwige , levende woord Gods gedacht, buiten de uitstraling van de krachten zijns levens, los van God, dan is de Schrift dood. Dan is ze krachteloos. Dan geneest en troost ze niet, en komt onzen dood eer verdiepen dan dat ze ons het leven brengen zou. «Gods woord» is geen abstracte, van het leven afgetrokkene leer. maar levende waarheid die daarom levend maken kan. Het is geen plan, dat als teekening in kaart is gebracht, maar het innerlijk bestek dat in het leven zelf verborgen ligt.

Openbaring en verlossing zijn dus één en doordringen elkander volkomen.

Zooals het met den waanzinnige is, zoo is het met den zondaar. Laat een beroofde van zinnen beweren, dat «tweemaal twee vijf» is, en het baat u niets of ge hem de ontwijfelbare waarheid, dat «tweemaal twee vier is» weer en telkens weer herhaalt. Met een afgetrokken leer vordert ge niets. Maar genees hem, laat zijn plage

Sluiten