Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

steeds voortgaat, heft haar karakter op en vernietigt de kracht harer werking, door de sfeer van het «Woord» met de sfeer van den «Geest» te verwarren.

Het «Woord» is de objectieve openbaring Gods voor de menschheid. De «Geest» daarentegen de subjectieve openbaring Gods in den enkelen mensch. Yan daar het beginsel der apostolische schriftuitlegging: «al wat te voren geschreven is, dat is geschreven om onzentwil». Niet alsof de «Geest» bij het tot stand brengen der bijzondere openbaring werkeloos ware gebleven. Integendeel, zoo dikwijls een menschelijke persoonlijkheid door God tot instrument zijner openbaring wordt uitverkoren, moet juist, krachtens den regel, waarop we wezen, de inspireerende kracht des G e e s t e s middel ter openbaring zijn. Maar zulk een inspiratie beoogde bij den ziener niet uitsluitend het heil zijner eigen ziel. Veeleer was het een gemeengoed der gemeente, dat hem werd toebetrouwd , opdat het door zijn lippen der gemeente zou gebracht worden. En wat dus voor hem persoonlijk en inspiratie des Geestes was, ging, eenmaal geobjectiveerd, als bestanddeel van het Woord Gods in het bezit der geloovigen over, om in het geheel der openbaring zijn toebeschikte plaats in te nemen.

Er is dus wel persoonlijke toeëigening der openbaring in het hart van den geloovige. Er is ook ontplooiing van den inhoud der openbaring in het leven der gemeente, maar voortzetting, aanvulling der openbaring is er niet. Er kan, noch mag iets aan het «woord Gods» worden toegedaan. Immers, wel zal de Geest in alle waarheid leiden, maar wat Hij ook in de gemeente voortbrengt, Hij zal het onveranderlijk uit den Christus zeiven nemen.

Sluiten