Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijn woord daar niet altoos een afstootende, maar ook een enkel maal een zegenende werking mogen hebben op U.

En vraagt Ge mij nu aan het eind van dezen brief, hoe ik dat toch kan rijmen, dat ik U en de uwen op elk terrein bestrijd, en toch U mijn Broeder noem, ziehier dan mijn antwoord:

1°. elk gereformeerde heeft altoos broeders in den Heere gekend, erkend en liefgehad ook buiten zijn eigen Kerk;

en 2°. wat in normale toestanden buiten het Kerkverband altoos heeft bestaan, moet thans met zooveel te meer recht ook voor dissentiëerenden in het Kerkverband gelden. Want niemand heeft recht één éénig belijder des Heeren buiten den heiligen broederkring te sluiten, vooral niet, waar, gelijk bij U, zooveel sieraad der genade uitblinkt.

En hiermede U Gode en zijner genade bevelende, blijf ik

Uw n oude vriend" KUYPER.

PS. Met opzet zweeg ik over uw zeggen, dat Gij in eeuwigheid geen gemeenschap zoudt hebben met mijn politiek en kerkelijk streven. De heilige apostel Paulus zei; ik zal in eeuwigheid geen vleesch meer eten, als ik mijn broeder daardoor erger. Is het goed, zulke nobele uitlatingen op zoo heel ander terrein over te brengen ?

Maar bovendien, ik ben niet origineel, ik doe niets dan copiëeren. Wat ik op theologisch, kerkrechtelijk en staatkundig gebied beoog is niets dan zuivere copie te leveren van wat Calvin en zijn school beoogde.

Wie nu, op de manier als Gij deedt, den copiist verwerpt, verwerpt die ook niet het origineel ?

Sluiten