Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GOD IS GEEN AANNEMER DES PERSOONS.

Ook de aanneming van den persoon is eveneens weer zoo een walgelijk verwijt. Waar uit een schuldige verplichting gegeven wordt, kan zij begaan worden, maar niet als dit geschiedt uit de genadige en allervrijsta barmhartigheid, zooals het met God het geval is. Rijk is Hij over allen, maar Hij geeft niet aan allen dezelfde gaven en weldaden, omdat Hij wil, dat er een verscheidenheid van huisraad in Zijn zoo ruim huis zal zijn. Waar echter de Apostel zoo krachtig over den eeuwigen rijkdom spreekt, daar laat gij kwaadaardig weg, wat hijzelf er aan toevoegt: „Die Hem aanroepen".

TWEE-, JA DRIEVOUDIGE VERKIEZING LEERT DE SCHRIFT.

Gij vraagt op wat fundament de tweevoudige verkiezing rust? Ik zal u zelfs een drievoudige aanwijzen uit de Schrift, naar de verscheidenheid der zaken of personen, ten opzichte waarvan zij geschiedt. Ten eerste heeft God in 't verleden het volk Israël verkoren om Zijn kerk te zijn. Ten tweede heeft Christus 12 Apostelen verkoren om het Evangelie in de wereld te verbreiden. Ten derde, binnen deze beide kringen heeft God niet allen tot het eeuwige leven verkoren, omdat binnen den eersten kring vele geroepenen, doch weinig verkorenen waren, en binnen den tweeden een duivel was. Want Hij geeft Zelf te kennen wie Hij uitverkoren had tot het eeuwige leven, en niet alleen tot het Apostelambt, tot welk laatste Hij ook Judas verkoren had.

Sluiten