Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komt, duidelijk omschreven. Wij komen thans tot onze tweede vraag, welke aan de eerste zich onmiddellijk aansluit, nl., welke uitkomst wij verwachten? De vraag schijnt, op 't eerste hooren, eenigzins vreemd, immers jvoor beantwoording niet vatbaar. Wie kan, zoo hoor ik reeds tegenwerpen, nu reeds zeggen wat van nu af aan met onze school gebeuren, hoe 't er mee gaan zal? Is niet de toekomst voor ons ten allen tijde in een sluier gehuld; is zij niet overgegeven in de hand van den alwetenden en almachtigen God? En bovendien: wat zou 't ons baten zulke vragen op te werpen, wat geeft 't ons of wij alles van te voren wisten? Dan bleef er immers geen plaats voor het geloof? Dat was ook mijne bedoeling niet, Toeh.! met de genoemde vraag. Daarover is onder ons geen 't minste verschil, dat wij van hetgeen in de toekomst gebeuren zal niets weten; haar sluier op te lichten is ons niet vergund, hoe gaarne wij het ook wilden. Toch moet gezegd worden: al ligt de weg niet in bizonderheden vóór ons, de Christen, die vast staat op het Woord zijns Gods, heeft toch eenige zekerheid van de toekomst. Het Christelijk leven is wel een leven van dankbare genieting van wat do Heere in zijne goedertierenheid nu geeft, maar 't is toch ook een leven in de hope, dat is: met 't oog geslagen op de beloften. die God vervullen zal, en evenzoo is de arbeid voor den naam en de eere des Heeren wel een arbeid in gehoorzaamheid aan 's Heeren bevel, maar ook al weer een arbeid in hope, nl. met 't oog op de beloften, die ook daarvoor gelden. Zoo moet 't ook zijn; zóó juist onderscheidt deze arbeid zich van het werken, waarvoor de wereld zich afslooft. De Christen, die weet wat hij heeft aan zijn Heiland, dien hij lief heeft en uit liefde wil dienen, en die strijdt voor zijne eere, op welk gebied en voor welk bizonder doel 't ook zij, hij kampt niet in 't onzeker, niet als de lucht slaande, maar verzekerd dat hij in den strijd een Helper heeft, die hem tot alle goed werk bekwaam en getrouw maken wil. Dit wilden wij maar zeggen, Gel! indien wij bij onzen arbeid ook voor het Christelijk onderwijs aanvangen en steeds ernst ma-

Sluiten