Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terd. Bij Jakobu3 was het Christendom als een zuürdeesem, hetwelk het gansche deeg doortrekt. In al zijn handel en wandel straalde Christelijke liefde door, en nimmer, wanneer zijn naam of eer werd aangerand, werd hij bitter of liefdeloos, maar was hij steeds ijverig bezig, bij zichzelven en anderen, om de ware wijsheid te leeren. „De wijsheid, die van boven is," zegt hij, „is ten eerste zuiver, daarna vreedzaam, bescheiden , gezeggelijk, vol van barmhartigheid en van goede vruchten, niet partijdelijk oordeelende en ongeveinsd. En de vrucht der rechtvaardigheid wordt in vrede gezaaid, voor degene die vrede maken

Hoort hem verder, wanneer hij spreekt over de rijken en armen, als hij zegt: „ Wanneer in uwe vergadering kwam een man met een gouden ring aan zijnen vinger, in eene sierlijke kleeding, en daar kwam ook een arm man in een slechte kleeding. En gij zoudt aanzien dengene, die de sierlijke kleeding draagt en tot hem zeggen: „Zit gij hier op eene eerlijke plaats", en zoudt zeggen tot den arme: „Staat gij daar, of zit hier onder mijne voetbank." Hebt gij dan niet in uzelven onderscheid gemaakt, en zijt rechters geworden van kwade overleggingen? Hoort, mijne geliefde broeders, heeft God niet uitverkoren de armen dezer wereld, om rijk te zijn in 't geloof en erfgenamen des koninkrijks, 't welk Hij beloofd heeft dengenen, die Hem liefhebbenJakobus wijst hier eene zonde aan, die nog niet uit de wereld is. Och neen! in onze dagen is het evenzoo als in de tijden der eerste Christenen. In het oog der wereld kan hij, die rijk is, geen kwaad doen; de rijke is deugdzaam en braaf, omdat hij rijk is; de rijke is stipt eerlijk; hij zal ieder het zijne geven, omdat hij rijk is. Maar de armen! och! het zijn lastige menschen; ze hebben altijd gebrek aan 't een of aan 'tander; altijd bergen van bezwaren van allerlei aard. Och! bedacht

Sluiten