Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

genis werd gezet en op Daniël, die aan de woede der leeuwen werd prijs gegeven. Ziet op de eerste Christenen, met den gesteenigden Stefanus in de voorhoede, gevolgd door duizenden anderen, wier vleesch werd vaneen gescheurd, gebraden, geradbraakt en op allerlei wijzen gemarteld. En hoe zijn die allen onder dat lichamelijke lijden gesteld geweest? Wel goed, lieve lezer! want hun lijden was zoet: het was om Christus wille.

Neemt tot een exempel des lijdens. Polycarpus, bisschop van Smyrna. Hem werd bevolen de Christus te verloochenen en te zweeren bij den keizer, en zijn antwoord was: „Ik heb Christus zes-en-tachtig jaren gediend en nooit heeft Hij mij eenig kwaad gedaan en zou ik Hem nu verloochenen?"

De martelaar Sanders zeide: „Welkom kruis van Christus! Mijn Zaligmaker heeft mij zulk een bitteren beker voorgedronken en zal ik Hem niet nadrinken ? gij Papisten, die wonderen verwacht, ik gevoel geen meerder pijn in het vuur, alsof ik op een vederdons lag."

Een ander martelaar zeide: „Het rammelen van mijne ketenen is eene zoete muziek in mijne ooren geweest." Een ander kuste den staak, waaraan hij was vastgebonden, en zeide: „Ik zal mijn leven niet verliezen, maar het voor een beter verwisselen; in plaats van kolen zal ik paarlen hebben." De geschiedenis meldt ons dat Scevola zijne hand boven het vuur moest houden, tot dat het vleesch begon te roosten en zijne vingeren te krimpen, nochtans leed hij het met Christelijken moed.

Deze allen zijn exempelen des lijdens, opdat Gods volk zich daardoor zoude versterken in den goeden strijd.

„Maar de tijden der martelaren zijn lang voorbij."

Dat is te zeggen: bloed wordt in onze dagen nog niet geeischt, maar nog is het einde niet; de vervolgingen om der Waarheid wille zullen niet ophouden, vóórdat de Satan voor eeuwig gebonden is. Daarom roepen wij elkander toe: „ziet

Sluiten