Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aansprakelijk te stellen voor wat op kerkelijk terrein enkele harer lioogleeraren deden, toch, dit geef ik voetstoots toe, in liet pleit van IJzer en Leem belijdt ook de Vrije Universiteit wel terdege, dat hetgeen God onvermengbaar schiep, toch niet duurzaam hechten kan, en ten leste gescheiden moet, — desnoods door breuke. Haar optreden was breuke. Een breken met de ongeloovige wetenschap ; een verbreken van de universitaire eenheid; breuke van de continuiteit met opzet; breuke van het geordend verband voorbedachtelijk; breuke met de wetenschappelijke machthebbers uit beginsel. En in zooverre nu de vraag, of ge er op uit zijt, om IJzer en Leem te mengen of te scheiden, een denk- en levensbeginsel raakt, dat met innerlijke logische drijfkracht op elk terrein doorwerkt, heeft men, wie beseft dit niet, volkomen gelijk, dat het optreden van onze Vrije Universiteit, op elk en dus ook op kerkelijk gebied, de valsche vermenging in gevaar brengt.

Te onderzoeken staat ons dus, of zij die, desnoods door breuke, aan elke valsche vermenging van IJzer en Leem een einde willen zien komen, voor Gods Woord, voor de rechtbank der Historie en voor 's menschen betere Consciëntie, geoordeeld staan als muitzieke weerstrevers van de ordinantiën Gods, dan wel of zij het juist zijn, die blijven bij het spoor der gerechtigheid. Niet slechts een kerkrechtelijk, volstrekt niet, neen maar een diepgaand godgeleerd vraagstuk is dus tusschen ons en onze wederpartijders in geschil gekomen. IJzer en Leem zijn ook thans weer door menschelijk zaad, d. i. door de schakeling der geslachten, vermengd met elkander. Eu nu zeggen wij : „IJzer en Leem, of in casu Geloof en Ongeloof hooren niet saam, en kunnen toch niet hechten; laat ze dus uit hun valsche vermenging treden, ook al moest het door breuke gaan." Terwijl men ons van de overzijde antwoordt: „Ook al hooren ze niet saam, toch zou doorscheuring van het zwakke hechtsel zoiule wezen. Scheuring nooit

Aan wiens kant nu is in dit geschil het gelijk ? Indien aan den kant der Vermengers, dan mogen wij straks voor deze zaak niet bidden, en moet morgen den dag de Vrije Universiteit afgebroken. Maar ook, indien het gelijk op ónze hand komt, dan is het de plicht voor alle belijders van den Naam des Heeren, om zoo heden nog niet, dan toch morgen, met ons voor onze school te bidden.

Zoo hoog ernstig stel ik dus het pleit: Zij zonde of wij zonde!

Sluiten