Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zonde ons bidden, omdat het mogelijk tot breuke leiden kon, of zonde hun bidden dat elke breuke afbidt als den gruwel der gruwelen. Niet, het kan wel zus en het kan ook wel zoo, maar rechtstreeksche tegenstelling !

Bezien we dan scherpelijk en nauwkeurig, d. w. z. voor het aangezicht des Heeren, hoe naar zijn recht en wet en wil het bewerp dezer zake ligt.

De lioofdzake van alle ware religie, M. H., bestaat hierin, dat God waarlijk God blijve en de mensch nooit iets anders dan een nietig mensche zij. Juist omdat God den mensch naar zijn beeld schiep en opriep tot de innigste, teederste geestesgemeenschap, moest scherp gewaakt, dat het wezen van een mensch en het wezen van God altoos streng uiteen wierd gehouden. Alle zonde ligt er juist in, als men die twee op eenigerhande wijs poogt te vermengen, 'tzij men Gode iets toedicht wat des menschen zij, of als mensch zitten gaat in Gods stoel. Er is dus een absolute grens gesteld, en die grens ligt op al het geschapene vanzelf geteekend door den gouden zoom van de eigen maiesteit des Heeren Heeren. Omdat Hij God is, daarom houdt Hij zijn Wezen van de vermenging met zijn schepsel vrij. Hij is de Heilige! — En opdat nu de mensch dier scheidslijn indachtig zou zijn, heeft het Gode beliefd, die scheidslijn ook af te schuduwen in de vaste grenzen die Hij tusschen creatuur en creatuur onderling schiep. God schiep soorten van wezens. Een star heel anders dan een engel; een waterstroom heel anders dan een bliksemstraal; ijzer anders dan leem. Niet dus door de eenvormigheid van den cliaös, maar door de rijke veelvormigheid van het in soorten ingedeelde leven, loopt Gods weg. Zelfs elke boom en elke plant schiep Hij „zaad zaaiende naar zijn aard". En opdat alzoo elk wezen zijn eigen aard en elke soort haar bijzondere natuur zou hebben, is God de Heere scheidend opgetreden; heeft Hij, wat eerst vermengd was, uiteengetrokken; en heeft Hij aan alle ding zijn grens en perk gesteld. Vandaar in het Scheppingsverhaal de telkens herhaalde formule: „En God maakte scheidingScheiding tusschen licht en duisternis; scheiding tusschen wateren en wateren; scheiding tusschen de zee en het droge; altoos scheiding! Niets mag ongeordend, niets vermengd blijven. Zelfs in den mensch mag er geen vermenging zijn

Sluiten