Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij de behandeling van dit reglement en het voorontwerp daarvan, werd vooral door den invloed der toenmalige uit liberalen en antirevolutionairen bestaande oppositie de erkenning van een nieuwe doelstelling der koloniale politiek naast de oude verkregen.

Aan de rechten van de inwoners der bezittingen wordt behoorlijke aandacht geschonken, waardoor dus deze volkeren van zuivere rechts-objecten tot rechts-subjecten gemaakt werden. Aan hen werden in de lijn van de staatsregeling van 1798 verschillende rechten toegekend, welke de overheerscher zichzelf bond te eerbiedigen en te handhaven.

Daarentegen dorst men ook thans nog niet zoo ver te gaan om aan de inwoners dier gewesten het recht toe te kennen tot deelname aan de regeering, m. a. w. de inlandsche bevolking werd de draagster van subjectieve, staatkundige rechten, terwijl de objectieve staatkundige rechten haar vooralsnog onthouden bleven.

Nochtans heeft deze principiëele beslissing, hoe weinig scheutig de wetgever bij de toekenning van deze subjectieve rechten destijds geweest moge zijn, toch een zeer groote beteekenis gehad voor de toekomst van onze koloniale politiek, omdat in het desbetreffende debat tusschen Regeering en Volksvertegenwoordiging voor het eerst officieel tot uiting gekomen is het bewustzijn van het Nederlandsche Volk, dat het jegens Indië niet slechts rechten, maar ook plichten heeft. Zoo werd het Regeeringsreglement van 1854 de historische grondslag voor de „ethische school" in de koloniale politiek en de vaagheid der bepalingen maakte het mogelijk, dat elk der beide partijen, tusschen welke het Regeeringsreglement van 1854 een compromis vormde, er voldoende text in vond, om naar eigen inzicht verder te interpreteeren. ,

Volgens de Memorie van Toelichting bij het eerste ontwerp van het Regeeringsreglement van 29 October 1851 behoort het aan te nemen beginsel van bestuur datgene te zijn, hetwelk „de meeste waarborgen oplevert, dat, in de eerste plaats het Ned. gezag door vreedzame middelen in dat wingewest zal kunnen gehandhaafd worden, en dat, ten andere, behoudens de welvaart der inheemsche bevolking, dat wingewest aan Nederland zal blijven verschaffen de stoffelijke voordeelen, die het doel waren der verovering."

Keuchenius daarentegen omschrijft in de voorrede van zijn bekend werk de bedoeling van het Regeeringsreglement als volgt: „Het reglement .... stelt plichten en het doet eischen, die niet langer kunnen worden verzuimd noch vergeten ; het verleent rechten, die voortaan niet vruchteloos zullen worden

Sluiten