Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hergeef aan 't diep vervallen bloed den ootmoed en den heldenmoed der vroome voorgeslachten.

Dat langer niet uw vijand juich',

maar macht'loos den triomf getuig'

van die Uw komst verwachten !

En zal die stem niet doordringen tot in de troonzaal Gods?

Laat uwe barmhartigheden ons voorkomen, maar ook: help ons o God onzes heils! De barmhartigheid Gods moet uitgaan van den Heere in het voorkomen en helpen. De dichter pleit om verlossing; dat God de Heere opwake van uit zijne heilige woning en uittrekke tot zijns volks bevrijding. Helpen, opdat overig behouden worden die ten doode schijnen opgeschreven te zijn; opstaan, opdat de vreemde volkeren niet langer zeggen : waar is nu hun God ; ten strijde trekken, opdat de wraak des vergoten bloeds der knechten des Heeren bekend worde onder de Heidenen. Hulpe en redding wordt van Hem gevraagd, die immers de God is des heils voor zijn volk dat op Hem hoopt, bij Hem alleen redding zoekt, die nooit tevergeefs op hulpe en redding wachten deed! M. H. hoezeer een ieder die de souvereiniteit Gods heeft leeren gelooven voor den Heere buigt, als het Hem behaagt ons te vernederen, toch leidt deze belijdenis niet tot moedeloos bij de pakken neer te zitten. Neen ook dan komt het beginsel des levens tot zijn recht: sterk is des Heeren volk in en door de gebeden en worstelingen met God. Zoo worden de Israëls geboren, die wel geslagen zijn aan de heup, maar machtig zich toonen in den gebede met God. Weenen bij de puinhoopen, het is goed,, maar het betraande oog moet smeekend

Sluiten