Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maakt, noch geschapen, noch gegenereerd; [22.] de Zoon is van den Vader alleen, niet gemaakt, noch geschapen, maar gegenereerd ; [23.] de Heilige Geest is van den Vader en den Zoon, niet gemaakt, noch geschapen, noch gegenereerd, maar uitgaande. [24.] Zoo is er dan één Vader, niet drie Vaders"; één Zoon, niet drie Zonen; één Heilige Geest, niet drie Heilige Geesten. [25.] En in deze Drieheid is niets eerst, noch laatst; niets meest, noch minst; [26.] maar de gansche drie personen hebben gelijke eeuwigheid, en zijn malkanderen alleszins gelijk; [27.] zoodat in alle opzichten, gelijk nu gezegd is, de Eenheid in de Drieheid, en de Drieheid in de Eenheid is te eeren. [28.] Daarom zoo wie wil zalig zijn, die moet aldus van de Drievuldigheid gevoelen.

[29.] Maar het is tot de eeuwige zaligheid noodig, dat hij ook de menschwording van onzen Heere Jezus Christus trouwelijk geloove. [30.] Zoo is dan het rechte geloof, dat wij gelooven en belijden, dat onze Heere Jezus Christus, Gods Zoon, God is en mensch. [31.] Hij is God uit de substantie des Vaders, vóór alle tijden gegenereerd, en mensch uit de substantie zijner moeder, in den tijd geboren; [32.] volkomen God, volkomen mensch, hebbende eene verstan¬

dige ziele en menschelijk vleesch; [33.] den Vader gelijk naar de Godheid, minder dan de Vader naar de menschheid. [34.] En hoewel Hij God is en mensch, zoo is Hij nochtans niet twee, maar één Christus; [35.] Hij is één, niet door verandering van de Godheid in het vleesch, maar door de aanneming der menschheid in God; [36.] Hij is één, niet door de vermenging der substantie, maar door de eenheid des persoons; [37.] want gelijk de verstandige ziele en het vleesch één mensch zijn, alzoo is God en de mensch één Christus. [38.] Dewelke geleden heeft om onzer zaligheid wille, nedergedaald is ter helle, ter derden dage wederopgestaan van de dooden; [39.] opgeklommen ten hemel, zit ter rechterhand Gods des almachtigen Vaders; [40.] en zal van daar komen oordeelen de levenden en de dooden ; [41.] bij wiens komst alle menschen zullen wederopstaan met hunne lichamen ; [42.] en zullen van hunne eigene werken rekenschap geven ; [43.] en die goed gedaan hebben, zullen in het eeuwige leven gaan; maar die kwaad gedaan hebben, in het eeuwige vuur.

[44.] Dit is het algemeen geloof; en zoo wie dit niet trouwelijk en vast gelooft, die zal niet kunnen zalig zijn.

Sluiten