Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is, en een belooner is dergenen, die Hem zoeken Want de rechtvaardige zal uit het geloof leven Zoo besluiten wij dan, dat de mensch door het geloof gerechtvaardigd wordt, zonder de werken der wet En al moeten wij met Christus wat lijden, zoo moeten wij niet kleinmoedig wezen; want wij zien, dat Christus zelf, toen hij om onze eigene zonden geslagen was, niet weder geslagen, maar geduldig geleden heeft.

Van den voorspoed der goddeloozen

' En al is het, dat de goddeloozen in grooten voorspoed leven, gelijk David en de profeten getuigen, zoo moeten wij ons niet verwonderen, en ook niet struikelen, maar ons vertroosten, verzekerd zijnde, dat hun einde de eeuwige dood is; Hij rukt hen uit als schapen, dat zij geslacht worden. Daarom is het verwonderlijk, dat de geloovigen niet nog meer tegenspoed hebben, vanwege de heerlijke vreugde, die voor hen bereid is, en daarentegen, dat de goddeloozen niet nog meer voorspoed hebben, dan zij doen, om de gruwelijke verdoemenis, die voor hen aanstaande is, Daarom, al is het, dat de beproeving der geloovigen ongelijk is aan die der goddeloozen, zoo kan ook de opstanding der dooden ongelijk wezen

Van de verrijzenis der dooden.

En hierin hebben wij eenen grooten troost, dat alle geloovigen ten jongsten dage zullen opstaan. En Paulus, dit betoogende, zegt: Indien er geene opstanding der dooden is, zoo is Christus ook niet opgewekt; zoo is ook onze prediking ij del, en wij worden bevonden valsche getuigen (1 Cor. XV, doorloopend). En omtrent de wijze der opstanding kunnen wij duidêlijk zien bij Ezechiël. Kap. XXXVII, hoe dat wij met vleesch en been zullen opstaan. En Job zegt ook duidelijk: Ik weet, mijn Verlosser leeft, en Hij zal de laatste over het stof opstaan; en als zij na mijne huid

dit doorknaagd zullen hebben, zal ik uit mijn vleesch God aanschouwen. Insgelijks zegt Jesaja, dat de aarde en de zee hunne dooden geven zullen, die in haar geslapen hebben; want Christus is de opstanding, de eersteling dergenen die ontslapen zijn. Doch ik wil niet, dat gij onwetende zijt van degenen, die ontslapen zijn, opdat gij niet bedroefd zijt, gelijk als de anderen, die geene hoop hebben. Want indien wij gelooven, dat Jezus gestorven is en opgestaan, alzoo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, wederbrengen met Hem. Want dat zeggen wij u door het woord des Heeren, dat wij die levend overblijven zullen tot de toekomst des Heeren. niet zullen voorkomen degenen die ontslapen zijn. Want de Heere zelf zal meteen geroep, met de stem des archangels, en met de bazuine Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan; daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet in de lucht.

Van het laatste oordeel.

Alwaar wij moeten geopenbaard worden voor den rechterstoel van Christus, opdat een iegelijk wegdrage naar dat hij gedaan heeft, hetzij góed, hetzij kwaad. Dan zal Christus de schapen van de bokken scheiden. En de schapen worden aan zijne rechterhand gesteld, die de liefelijke stem zullen hooren; Komt, gij gezegenden mijns Vaders, beërft dat koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld. Daar zullen wij met groote vrijmoedigheid staan voor het aangezicht dergenen, die ons benauwd hebben Daar zullen wij blinken gelijk de zon, in het Rijk van onzen Vader. Daar zullen wij . komen tot de menigte van de vele duizenden der engelen. Daar zullen wij met Hem heerschen van eeuwigheid tot eeuwigheid, Amen. Zalig zijn zij, die in het Boek des levens geschreven zijn.

Sluiten