Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in Griekenland bepaalt men zich nog hoofdzakelijk tot verbetering van den socialen toestand der vrouw.*) Ook is de beweging over het algemeen veel krachtiger in de Protestantsche, dan in de R. Katholieke, in de Germaansche en Angelsaksische, dan in de Romaansche landen; bij gene openbaart ze zich meer in een streven naar intellectueele, ethische en politieke, bij deze meer in een streven naar economische en sociale verheffing der vrouw.

Verder is er in de vrouwenbeweging een zekere ontwikkelingsgang te bespeuren. Ze kwam tegen het einde der 18e eeuw in Frankrijk op, dankte toen haar oorsprong aan de idee der rechten van den mensch, en was dus eerst meer eene ideëele en politieke, dan eene economische en sociale beweging. Dit laatste werd ze vooral omstreeks het midden der vorige eeuw door de veranderingen, welke de grootindustrie in de werkzaamheden van het huisgezin aanbracht. Met de proletarische vrouwenbeweging verbond zich weldra die van de dochters en vrouwen uit de burgerkringen des volks, welke streefde naar opleiding voor een beroep, vrijen toegang tot alle scholen, en openstelling van alle beroepen voor de vrouw. Maar toen langs dezen weg de vrouwen meer en meer met de maatschappij in aanraking kwamen, kregen zij een open oog voor de misstanden, die daar overal voorkwamen, en zagen zij zich tot allerlei werken van barmhartigheid en zending geroepen. Met of zonder de mannen bonden zij den strijd aan tegen alcoholisme en prostitutie, wijdden zij zich aan armenzorg, ziekenverpleging, meisjesopvoeding, kinderen moederbescherming enz. En naarmate zij zich buitenshuis gingen bewegen en in de maatschappij eene eigene plaats gingen innemen, kwam bij velen de wensch op, om ook burgerrechtelijk en staatsrechtelijk meerdere zelfstandigheid deelachtig te worden.

De strijd voor het politieke stemrecht der vrouw kwam, behalve in Frankrijk tijdens de Revolutie, het eerst in Amerika op. Daar werden bij den opstand tegen Engeland soortgelijke onveranderlijke

') Handbucli der Frauenbewegung, Vouvort I bl. VI.

Sluiten