Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den oorlog ontwikkelen zal. De vrouwen zullen straks weer in vele bedrijven voor de teruggekeerde of aankomende mannen plaats moeten maken, en ze zullen dat zeker ook gaarne doen. Hoe loffelijk zij zich ook van haar taak gekweten hebben, niemand zal van haar verlangen, dat zij haar arbeid in de munitiefabrieken, bij den woningbouw, in het mijnwezen enz. zullen voortzetten.

Maar dit is toch wel zeker, dat de beteekenis der vrouw in de toekomstige maatschappij grootelijks toenemen zal; ten eerste als arbeidskracht, want voor het vele werk, dat er na den oorlog overal te doen zal zijn, zullen de vrouwen het gebrek aan mannelijke arbeidskrachten moeten aanvullen; ten tweede als vrouw, want de gedemoraliseerde maatschappij zal in den strijd tegen alcoholisme, prostitutie, sexueele krankheden enz. in sterke mate behoefte gevoelen aan de caritatieve en philanthropische werkzaamheden der vrouw; en ten derde als moeder, want ze zal bij de oorlogvoerende volken meer dan ooit gewaardeerd worden als- instandhoudster en opvoedster van het toekomstig geslacht. En daarmede zullen twee problemen een nog ernstiger karakter aannemen, dan ze thans reeds bezitten, n.1. de loonregeling voor den arbeid der vrouw en de vraag naar de vereenigbaarheid van gezinstaak en beroep.

Voordat hierover een kort woord in het midden wordt gebracht, dienen we echter eerst nog kennis te nemen van de min of meer vrije beroepen, welke door de vrouwen in den tegenwoordigen tijd begeerd en uitgeoefend worden.

Sluiten