Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dingen die beneden zijn bedenkt, dat hij zichzelven zoekt en voor zichzelven leeft, en dat hij het schepsel eert boven den Schepper, Rom. 1: 21v., Phil. 2 : 4, 21, 3 : 19, Col. 3 : 2 enz. duidt de zondige levensrichting aan van den mensch, die naar ziel en lichaam zich van God af- en naar het schepsel heenwendt. Het Paulinisch gebruik van het woord vleesch wordt ons duidelijk, als wij de ons gewone, Grieksche tegenstelling van het stoffelijke en het onstoffelijke laten varen en door de Bijbelsche tegenstelling van het aardsche en hemelsche, van het Goddelijke en het creatuurlijke, van hetgeen beneden en boven is, vervangen. Zoo sprak Jezus van het vleesch in Joh. 3: 6. Vleesch werd „the proper designation of the race as self-evolved and self-continued. Human nature as now constituted can produce nothing but its like and that like is now sinful. Flesli therefore may be appropriately used for the principle of corrupt nature in the individual, for the obvious reason, that it is in the course of the flesh, or of the ordinary production of human nature, that the evil principle invariably originates ').

De verklaring der zonde uit de zinnelijke natuur des menschen kan echter, gelijk boven opgemerkt is, hierbij niet blijven staan, maar moet er toe komen, om hare oorzaak te zoeken in de materie of in de eindigheid en beperktheid van het schepsel, en zoo verder in eene eeuwige, onafhankelijke macht naast God of in eene donkere natuur of blinden wil in het Goddelijk wezen zelf. Deze meening over den oorsprong der zonde beveelt zich boven de vorige aan door haar dieper inzicht in de macht en heerschappij der zonde; zij heeft een open oog niet alleen voor hare ethische en anthropologische, maar ook voor haar kosmische en theologische beteekenis; zij maakt ernst met de onmiskenbare waarheid, dat eene macht, zoo ontzettend als de zonde, niet toevallig, buiten Gods wil en raad ontstaan kan zijn. Zij vindt steun in heel den tegenwoordigen toestand der wereld, zoowel van de physische als van de ethische. Overal in natuur en geschiedenis, zijn er scherpe, diepe tegenstellingen, die voor leven en ontwikkeling noodzakelijk schijnen te zijn. Hemel en aarde, licht en duisternis, dag en nacht, zomer en winter,

') Lciidlaw, in Hastings D. B. IV 166. Verg. verder Hofmann, Schriftbew. I3 559. Midler, Sünde I5 447 v. Lechler, Das apost. und das nachapost. Zeitalter3 1885 bl. 289 v. Emestt) Die Ethik des Ap. Paulus31880 bi. 32 v. Cremer, in PRE3 VI 98 v. Gloël, Der H. Geist 1888 bl. 14—61. 246. Feine, Der Ursprung der Sünde nach Paulus, Neue Kirchl, Zeits. Okt. 1899 bl, 771—795,

Sluiten