Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschlagen werden, sondern diese, die ihn zum Verbrecher gemacht hat1). De maatschappij is in gebreke gebleven, om hem op te voeden en te vormen tot een beschaafd, zedelijk wezen. Evenals vele paedagogen tegenwoordig leeren, dat de ouders de schuld van de slechtheid hunner kinderen dragen, zoo zijn ook vele criminologen de meening toegedaan, dat de maatschappij aansprakelijk is voor hare misdadigers.

Toch valt het moeilijk, hierbij consequent te zijn. "Want eigenlijk zou men dan de misdadigers moeten beklagen, en de maatschappij als de ware schuldige in de gevangenis moeten zetten. Maar wijl dit onuitvoerbaar is, maakt men zich aan twee inconsequenties schuldig. De eerste bestaat daarin, dat men de maatschappij van alle mogelijke onrecht aanklaagt; de misdadiger wordt verontschuldigd, voorgesproken, soms zelfs geprezen en verheerlijkt, maar de maatschappij heeft het voor de moderne criminologen, paedagogen en sociologen des te zwaarder te verantwoorden. Geene woorden zijn scherp genoeg, om haar te veroordeelen, en geene kolommen lang en breed genoeg, om haar schuld uit te meten! Maar als bij de misdaad van den individu de booze wil, de persoonlijke verantwoordelijkheid en toerekenbaarheid, de eigen schuld hoegenaamd niet in aanmerking mag komen, waaraan ontleent men dan het recht, om al deze ethische factoren terstond bij de maatschappij in rekening te brengen ? De misdadiger kan geen andere zijn dan hij is, maar kan de maatschappij dat dan wel ? Heeft zij geen verleden, waaraan zij gebonden is, waaruit zij voortgekomen is ? Heeft zij een vrijen wil, terwijl die aan al hare leden persoonlijk wordt ontzegd ? Het is duidelijk, dat wie den ethischen maatstaf bij de misdaad van den individu wegwerpt, hem niet bij die van de maatschappij weer opnemen kan.

De andere inconsequentie is niet minder groot. Van straf van den misdadiger kan geene sprake zijn; hij is eigenlijk volmaakt onschuldig, dupe der maatschappij, slachtoffer van hare ellendige toestanden, niet hare veroordeeling maar haar medelijden waard. Doch de maatschappij kan de misdadigers moeilijk laten loopen; zij spoort ze op, daagt ze voor haar rechterstoel, onderzoekt hun leven en daden, veroordeelt hen, zondert hen af en sluit hen op; daar zijn er maar weinigen, die, gelijk Tolstoi, heel de overheid en rechterlijke macht zouden willen opruimen. Maar waaraan wordt

x) Merkel, bij Br. von Rohden, Das Wesen der Strafe Tiib. 1905 bl. 53.

Sluiten