Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

subject der religie. Niet op zijn leer, maar op zijn persoon, met op wat Hij deed, maar op wat Hij was, niet op zijn ethisch voorbeeld, maar op zijn religieus leven komt het in de eerste plaats aan >). Door alzoo de verwezenlijking van de religieuze idee met m de menschheid, maar in den persoon van Christus te ZOeken'^ Schleiermacher een machtigen invloed geoefend en aan de Christolog weer eene plaats verzekerd in de dogmatiek.

Ten eerste word Schleicrmachers invloed daarin merkbaar da men, in tegenstelling met Kant, Fichte, Hegel, in Christus trachtte te handhaven eene gansch bijzond.ro en geheel eenige °Penba™g Gods. Indien het Godsbewustzijn in Christus absoluut en nooit doo eenige zonde verstoord was geweest, -est God ook op geheel eenige wijze in Hem hebben gewoond. Natuurlijk kon me p

verschillende wijze beproeven, al naar mate men an ers de triniteit. Zij, die de ontologische triniteit verwierpen, namen m Christus eene bijzondere manifestatie Gods, eene vo om®e in ning Gods, de realiseering van Gods eeuwige -reldgedacto of menschidee aan *). Anderen erkenden wel eene

maar dachten de verhouding van den Zoon tot den Vader mmtf meer subordinatiaansch, en kwamen daarom tot de toloaie 8) Nog anderen coördineerden den Zoon me Sin dÜede de herhelijhe leer •). Verben» " ^ Schleiermacher in de nieuwere Christologie eene vr®»«

belangstelling in de —^^fdiomatam persoon van Christus. De leer natuur

Ld daarom Zoo goed als prijs gegeven en £ —£££

van Christus op den voorgrond geschoven, de

werd veranderd in een leven van Jezus, en dat leverw^ ^

voorbereiding, ontwikkeling en invloed nagespeurd. Een

voorwerp van stadie werd daarom de geschiedenis van Israël, van

.) ScMeiermaeher, Cbr. Gl. g 91 v. Verg. SW Cto. Gl. II 175: Sohl.ie,-

macbers Christologie. Domer, Entwicklungsgesoh. 437—556. Sehenkd,

■) Bcth,, Theol. Ed.it g 533 v. Wmu, Philos. Dogin.

Dogm. II 2 bl. 717. 724 enz. Hofstede de Groot, De-

3) Gess, Die Lehre v. d. Person Chnsti lööb Dl.

Gron. Godgel. 1855 bl. 157 v. n 3 69

C. I. Nitzsch, Syst d. Christl. Lehre' 1851. K,thuis, Lut . » • en voort8

Thomasius, Ohristi Persou und Werk' I 447 v. Lange, Dogm.

Sartorius, Liébner, Ebrard, Philippi, Yilmar enz.

Sluiten