Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schen. Goethe heeft wel gezegd, willst du ins Unendhche schreiten so geh1 ins Endliche nach allen Seiten; maar het emdelooze is ganfch iets anders dan het oneindige, de eeuwigheid iets ganscli anders dan de niet uit te spreken som vau alle tijdsmomenten, e de volmaaktheid iets gansch anders dan het totaal van alle onvolkomenheden. Ook al ruilt het pantheïsme het individu uit voor menschheid en het deel voor het geheel, het vordert daarmede geen stap- het laat den overgang van het oneindige tot het eindige, van de ^uwigkeid tot den tijd, van God tot do wereld klaard en geeft ter verklaring niet. dan woordeo.en beelde: £ Indien God niet mensch kan worden in eenen, dan kan Hij het oo niet worden in allen. Tegenover deze dualistische en atomistisc beschouwing plaatst nu de Schrift de organisch. In een^ komt God "tot allen, niet in schijn, maar in waarheid. Daar xs een delaar Gods en der menschen, de mensch Christus Jezus. Doch daarom komt het evengoed als op zijne Godhdd «op ^ waarachtige en volkomene menschelijke natuur aan. Ind wezenlijk bestanddeel in de menschelijke natuur van Christus van -de ware eenheid en gemeenschap met God is uitgesloten, dan is er een element in de schepping, dat dualistisch naast en egcnovoi blijft staan. Dan is er eene eeuwige vXrj. Dan is God me machtige, Schepper des hemels en der aarde. Dan is d® Christebjke religie niet waarachtig catholiek. Quod enim inassumptibile est,

incurabile est.

369 Zoo zijn in Christus God en mensch met elkander vereemgd. De Schrift spreekt niet in de taal der latere theologie, maar bevat zakelijk datzelfde, wat door de Christelijke kerk in hare leer van de twee naturen beleden is. De Paulinische Christologie, zegt Holtzmann, ist allerdings ein erster Ansatz zur kirchlichen Lehre der Doppelnatur 2). Immers naar de Schrift is het Woord, dat bij God en zelf God was, vleesch geworden, o Aoyoc sysvsro,

Joh. 1 : 14. Hij, die was dnavyaaau rr/g óofys xai yuoumy) %)fi vnoffTccdswg tov Öeov, is ons vleesch en bloed deelachtig en ons in alles gelijk geworden, Hebr. 1: 3, 2: 14, God zond zijn eigen, eengeboren Zoon in de wereld, die geboren werd uit eene vrouw, Gal.

!) Deel II 433. , _

2) Holtzmann, Neut. Theol. II 75. Verg. A. Drens, Die Christusmythe. Jena

1909 bl. 103.

Sluiten