Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich buigt onder het oordeel Gods (Moberly 1). Maar al deze uitleggingen laten aan de woorden geen recht wedervaren en zijn met de doorloopende beschrijving van Jezus' dood in de Schrift in strijd. Er is in de klacht van Christus niet van eene subjectieve, maar van eene objectieve Godverlatenheid sprake: Hij voelde zich niet alleen, maar Hij was door God verlaten ; zijn gevoel was geene inbeelding, berustte niet op eene valsche voorstelling, maar beantwoordde aan eene werkelijkheid. Toch mag dit aan de andere zijde niet zoo worden verstaan, alsof de Vader op Christus persoonlijk toornde. Calvijn zegt het zoo juist: neque tamen innuimus, Deum fuisse unquam illi vel adversarium vel iratum. Qaomodo enim dilecto Filio, in quo animus ejus acquievit, irasceretur ? aut quomodo Christus Patrem aliis sua intercessione placaret, quem insensum haberet ipse sibi ? Sed hoe nos dicimus, divinae severitatis gravitatem eum sustinuisse, quoniam manu Dei percussus et afflictus, omnia irati et punientis signa expertus est 2).

Jezus bleef ook aan het kruis de geliefde Zoon, de Zoon van des Vaders welbehagen, Mt. 3 :17, 17 : 5; juist in het lijden en sterven bewees Christus zijne hoogste, volkomene gehoorzaamheid aan den wil des Vaders, Phil. 2:8, Hebr. 5:8, 10 : 5—10, 12:2 ; en Jezus zegt zelf, dat de ure zou komen, waarin al zijne discipelen Hem alleen zouden laten, maar dan was Hij toch niet alleen, want de Vader was met Hem, Joh. 12: 32. Maar Christus droeg naar de leer der Schrift onze zonden in zijn lichaam op het hout, 1 Petr. 2 :24; Hij werd daar voor ons tot zonde en tot vloek, 2 Cor. 5 : 21, Gal. 3:13, en nam zoo den dood op zich, den ganschen dood, in zijn eigenlijk wezen en karakter, als bezoldiging der zonde. Wij kunnen den dood zoo niet smaken, en door het geloof in Christus wordt alle bitterheid er uit weggenomen ; in den dood is God de zijnen nabij, zoodat hij voor hen wordt een doorgang tot het eeuwige leven. Maar zoo onderging Christus hem niet; Hij heeft met zijne heilige natuur hem doorleefd, gelijk geen zondig mensch dat vermag; Hij nam den drinkbeker in de hand en dronk dien, vrijwillig, uit tot den laatsten druppel toe; Hij legde door de macht der liefde het leven zelf af en ging met volle bewustheid en vasten wil de vallei in van de schaduwe des doods. Daar werd Hij en voelde Hij zich door God verlaten,

:) Verg. Moberly over the cry on the cross, Atonement and Personality bi. 131. 134. 392. 407. Ook Brooke bij Dale, The atonement bl. 470.

2) Calvijn, Inst. II 16, 11.

Sluiten