Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

klaring van de kracht en de waarde van zijn dood, het „amen" des Vaders op het „volbracht" van den Zoon, Hd. 2:23, 2-4, 4 :11, 5 : 31, Rom. 6:4, 10 enz.; 4e de aanvang van zijne door het lijden heen bereikte verhooging, Luk. 24 : 26, Hd. 2 : 33, Rom. 6 : 4, Phil. 2 :9 enz.; 5e de waarborg van onze vergeving en rechtvaardigmaking, Hd. 5 : 31, Rom. 4:25; 6« de fontein van vele geestelijke zegeningen, van de gave des Geestes, Hd. 2:33, de bekeering, Hd. 5 :31, het geestelijke, eeuwige leven, Rom. 6 : 4v., de gansche zaligheid, Hd. 4:12; 7e het beginsel en onderpand van onze zalige en heerlijke opstanding, Hd. 4: 2, Rom. 8: 11, 1 Cor. 6 . 14 enz., 8e de grondslag van het apostolisch Christendom, 1 Cor. 15 :12v.1).

401. Na de opstanding vertoefde Christus nog een tijd lang op aarde. In Mt. 28 :16v, Mk. 16 :19, Luk. 24: 50 wordt de opstanding zeer nauw met de hemelvaart verbonden, maar volgens Hd. 1: 3 zijn er tusschen beide gebeurtenissen veertig dagen verloopen. Dit laatste bericht wordt zijdelings bevestigd door de reeks van verschijningen, die er na de opstanding aan verschillende personen hebben plaats gehad. De eerste verschijningen hadden plaats in Jeruzalem, op den dag der opstanding zeiven aan Maria Magaalena, Mt.. 28: 9, Joh. 20 : 14, aan Petrus, Luk. 24 : 34, 1 Cor. 15 : 5, aan de Emmaüsgangers, Luk. 24:13v, aan de apostelen zonder Thomas, Joh. 20:19v, 1 Cor. 15:5, en acht dagen later aan de apostelen met Thomas, Joh. 20:26. Daarna komen de verschijningen in Galilea, Mt. 28:' 16v, Joh. 21, 1 Cor. 15:6, en dan nog weer de laatste in en' bij Jeruzalem. Er moet hier een tijd mede verloopen zijn, en Lukas geeft ons in zijn tweede boek nader bescheid, dat dat

veertig dagen zijn geweest.

Deze veertig dagen vormen eene zeer eigenaardige periode in het leven van Jezus. Reeds in de beschrijvingen, die er van zijn lichaam gegeven worden, komt dat uit. Eenerzijds is het geheel identisch met dat, hetwelk Hij te voren gedragen en bij het sterven afgelegd had. Er is sprake van zijne handen en voeten, Mt. 28 : 9, Luk. 24 . 39,

ï) Verg. voorts nog over de opstanding van Christus: Loofs, Die Auferstehungsberichte und ihr Wert. Leipzig 1898. 3 Tübingen 1908. Burkhardt, Die Auferstehung des Herrn und seine Erscheinungen, Göttingen 1899. Riggenbach, Die Auferstehung Jesu2 1908, voor Ned. bewerkt door W. Back, Baarn 1907. Disteldorf, Die Auferstehung Jesu Christi. Trier 1906. Armstrong, The resurrection and the origin of the church in Jerusalem, Princeton Theol. Review Jan. 1907 bl. 1—2o. James Orr, The resurrection of Jesus. London 1908.

Sluiten