Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

genade der wedergeboorte. Historisch geloof is ongenoegzaam ; er is een levend, werkzaam geloof noodig voor de zaligheid. En dit geloof krijgt men eerst, als men zijne zonden leert kennen door de prediking der wet, en eene lange, bange worsteling heeft gehad met duivel, wereld en vleesch, soms zelfs tot vertwijfeling toe (Busskampi); daaruit komt dan het waarachtig geloof tot Durchbruch. Dit geloof bestaat derhalve niet alleen in toestemming, maar vooral in vertrouwen; het is eene ervaring, eene bevinding des harten, een leven der ziel. En als zoodanig is het ook eerst een middel ter rechtvaardiging, om dan daarna zich te openbaren in een heilig, van de wereld onderscheiden, zelfs van de adiaphora zich onthoudend leven 1). In dit piëtisme werd Zinzendorf 1700—1760 opgevoed, en hij bleef er eenstemmig mede in afkeer van de doode orthodoxie; maar het piëtisme was hem toch te wettisch. Schrik voor de wet en angst over de zonde, schoon niet verkeerd en soms eene voorbereidende kracht hebbende, zijn toch het wezenlijke niet. Ware boete, ofschoon het woord boete minder juist is, wijl het aan straf doet denken, komt voort uit het Evangelie, uit de prediking van den lijdenden Christus. Zij bestaat niet zoozeer in angst en strijd, in klagen en weenen, als wel in vertrouwen op Gods genade. Zij is een zaak van het hart, en nog nader van het gevoel. Daarom moet het hart gevoelig gemaakt worden, hetwelk het best geschiedt door de levendige schilderingen van Christus' lijdensgestalte, van zijn bloed en wonden. Daardoor als door onmiddellijke aanschouwing, door een diepen, levendigen indruk, door een Wundenblick, wordt in het hart het geloof geboren, zonder dat men een Busskampf doorgemaakt heeft of nauwkeurig het uur van zijne wedergeboorte weet. Dat geloof brengt eene unie, een verloving, een huwelijk tusschen Christus en de ziel tot stand, doet het hart in de genade, d. i. in Jezus' bloed zwemmen als in zijn element, en doet den geloovige steeds leven in de liebe Nahe van den Heiland. Het rechtvaardigt en wederbaart tegelijk ; geloof en liefde vallen saam ; meer dan de objectieve rechtvaardiging is de dynamische Geestesmededeeling, de geboorte uit Jezus' zijde van waarde. Uit Hem geboren, leven de geloovigen zonder piëtistische angstvalligheid in zijne nabijheid, doen alles in zijn naam, stellen alles, ook het hui-

*) Walch, Hist. und theol. Einl. in die Religionsstreitigkeiten der ev. luth. Kirche II 239—436. Ritschl, Gesch. des Pietismus II 1884. Grimberg, Ph. J. Spener. 3 Bde Göttingen 1893. 1905. 1906 en art. in PRE3 XVIII 609 - 622.

Sluiten