Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moorman zijne huid of een luipaard zijne vlekken veranderen kan, kan Israël goed doen, daar het geleerd heeft kwaad te doen, Jer. 13:23; het hart is arglistig meer dan eenig ding en doodelijk krank, Jer. 17 : 9. Zoomin het veulen van een woudezel als mensch geboren kan worden, zal een verstandeloos man kloekzinnig worden, Job 11:12. Maar wat geen mensch bij zichzelf of bij anderen tot stand brengen kan, dat zal de Heere in de toekomst doen. Hij alleen kan een rein hart scheppen, Ps. 51 : 11—13. Hij zal het steenen hart wegnemen en een vleeschen hart schenken, de voorhuid des harten besnijden, een nieuwen geest geven in het binnenste van hen, de wet in hun hart schrijven en hen in zijne inzettingen doen wandelen. Dan zal Israël zijn volk zijn, eene spruit zijner plantingen en een werk zijner handen, opdat Hij verheerlijkt worde, Deut. 10 : 16, 30 :1-6, Jes. 54 :13, 60 : 21, Jer. 24 : 7, 31:18, 31 v., 32 : 8 v., Ezech. 11 :19, 36 : 25 v.

Zulk eene inwendige verandering werd dan ook, eerst door Johannes den Dooper, daarna door Jezus aan een iegelijk ten eisch gesteld, die wilde ingaan in het koninkrijk Gods. Het volk van Israël was toch, in weerwil van al zijne uitwendige voorrechten, door en door bedorven; het had, ondanks zijne besnijdenis, den doop van noode, deu doop der bekeering tot vergeving der zonden, waarin de mensch geheel en al wordt ondergedompeld, om als een ander mensch en tot een nieuw leven op te staan, Mt. 3:2 v. Er is een radicale omkeer, eene /xsraroia, vau noode, om aan de goederen van het koninkrijk deel te krijgen. Wie er binnen wil gaan, moet met zijn gansche vroegere leven breken, zijne ziel verliezen, Mt. 10 : 37—39, 16 : 25, Luk. 14 : 26, alles verlaten, Luk. 14 : 33, zijn kruis opnemen en Jezus navolgen, Mt. 10:38, een kind worden, Mt. 18: 3, met schuldbelijdenis tot den Vader terugkeeren, Luk. 15:18, door de enge poort heen den nauwen weg bewandelen, Mt. 7 :14. Wie dat in waarheid doet, wordt daartoe door God zel.ven bekwaamd. Want de menschen zijn van nature boos, Mt. 7 :11; uit hun hart komt niets dan ongerechtigheid voort, Mt. 15 :19; als een kwade boom, kunnen zij geen goede vruchten voortbrengen, Mt. 7 :17v. Zal er dus van goede vruchten sprake zijn, dan moet de boom vooraf goed gemaakt worden, en dat kan God alleen, Mt. 19: 26. Kinderen Gods en burgers van het hemelrijk zijn zij, die als eene plant door den hemelschen Vader geplant zijn, Mt. 15 :13, wien de Zoon den Vader, en de Vader den Zoon heeft geopenbaard, Mt. 11: '25—27, 13 : 11, 16 :17; terwijl zij vroeger geestelijk dood

Sluiten