Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zaligheid te verkrijgen; ergo sunt baptizandi, ut fidem et salutem consequanturl). De doop is toch volgens Tit. 3 : 5 het bad der wedergeboorte, en is dat juist voor de kinderen, omdat het woord als middel der genade bij hen nog geen dienst kan doen2). De genade, welke in den doop geschonken wordt, bestaat in de gave ■des geloofs, de vergeving der zonden en het eeuwige leven, en is voor de kinderen, die vroeg sterven, volkomen genoegzaam. Maar bij hen, die opwassen tot jaren des onderscheids, komt ze op de proef te staan. Want wanneer de mensch deze genade zich niet door daden van geloof en bekeering toeëigent, gaat ze wederom verloren. En ook wanneer hij door fides en conversio heen de regeneratio in den zin van renovatio deelachtig wordt, blijft dit nieuwe leven met al de ontvangene genade, tot het einde toe verliesbaar. Zoo maakten de Lutherschen op hunne beurt toch ook weer voor de kinderen in den regel — want voor buitengewone gevallen werd eene uitzondering gemaakt 3) — de wedergeboorte van den doop en mitsdien van de kerk afhankelijk; ook zij verbraken de continuiteit van het geestelijke leven, door de wedergeboorte altijddoor verliesbaar te stellen, en met name tusschen de aan geloof en bekeering voorafgaande regeneratio prima en de -daarop volgende regeneratio secunda (renovatio) onderscheid en scheiding te maken; zij liepen daarmede het gevaar, om de eerste tot eene kracht te verzwakken, welke den mensch in staat stelde om te gelooven, maar die het in het onzekere liet, of hij ooit metterdaad gelooven zou 4).

De theologen van Gereformeerde belijdenis stonden natuurlijk voor dezelfde moeilijkheid, en vonden bovendien geene oplossing, die allen bevredigde. Evenals het Evangelie, toen het in den beginne verkondigd werd, en elke religieuze beweging, die later binnen het Christendom opkwam, zoo had ook de Reformatie zich allereerst tot de volwassenen te wenden en stelde dus de prediking van geloof en bekeering op den voorgrond. Door dat geloof werd men de regeneratio, het nieuwe, geestelijke leven deelachtig; fide nos regenerari, luidt de titel van het derde hoofdstuk in het derde boek van Calvijns Institutie. Maar zoo kwam men met de kinderen

x) Gerhard, Loei Theol. 1. XX 195.

2) Gerhard, t. a. p. XX 186.

•3) Gerhard, t. a. p. XX '236.

4) Schmid, Dogm. der ev. luth. Kirche § 54.

Sluiten