Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

468. In plaats van hunne gerechtigheid en zaligheid van God te verwachten, gingen de Joden na de ballingschap meer en meer den weg van het nomisme op, en zochten uit de werken eene eigene gerechtigheid op te richten 1). Daarom treedt Johannes op met de prediking, dat het volk van Israël, niettegenstaande zijne besnijdenis -en afstamming uit Abraham, den doop der bekeering tot vergeving der zonden noodig heeft, Mt. 3 : 20, en verkondigt Jezus het Evangelie, dat er eene andere en betere gerechtigheid dan die derFarizeën noodig is, Mt. 5 :20, dat deze gerechtigheid een goed en eene gave Gods is, Mt. 6:33, en dat God deze weldaad schenkt, niet aan de rechtvaardigen, maar aan de tollenaren en zondaren, aan de verlorenen, de vermoeiden en beladenen, aan de kinderen, die hunne zaligheid niet zoeken bij zichzelven, maar al hun heil van God verwachten. En ten bewijze daarvan deelt Hij zelf, als de Messias van het Godsrijk, de weldaad van de vergeving der zonden uit, Mt. 9:2 v. Luk. 7:48 v.; ja, Hij geeft zijne ziel over tot een rantsoen voor velen, Mt. 20 : 28, sticht het nieuwe testament in zijn bloed, laat zijn lichaam breken en zijn bloed vergieten tot vergeving der zonden, M. 26:26 v., en belooft aan allen, die Hem navolgen, het eeuwige leven, Mt. 10: 37 v. 16 : 24v. Dientengevolge prediken alle apostelen eenstemmig en van stonden aan, dat er in zijn naam bekeering en vergeving der zonden is, Luk 24 : 47. Hd. 2 : 38, 5 : 31, 10: 36, 43, 13 : 38, 26 : 18. Er is in hunne prediking eene groote verscheidenheid: Johannes legt vooral nadruk op de £&)ry, die door het geloof in Christus verkregen wordt, 3:16, 36; Jakobus waarschuwt om practische redenen ten sterkste tegen een dood geloof, ■2:14v.; Petrus roept de geloovigen op tot een navolgen van het voorbeeld van Christus, I 2 :21v., en de brief aan de Hebreeën wijst inzonderheid op de rsXsicoffig, welke er met de ééne offerande van Christus ingetreden is, 10:14. Maar allen zien in de vergeving der zonden eene weldaad, die door Christus verworven is en door het geloof ontvangen wordt, Joh. 3:36, 1 Joh. 1:9, 2:1, 2, 12, 3:5, Jak. 2:1, 1 Petr. 1:2, 19, 2:24, 3:18, Hebr. 8:12,10:17, 22.

Toch is het inzonderheid de apostel Paulus, die de rechtvaardigmaking op den voorgrond plaatst en er de rijkste en diepste ontwikkeling aan schenkt. Zonder twijfel hangt dit met zijne levenservaring saam. Hij was een farizeër geweest en had met oprechten •ernst en hartstochtelijken ijver door onderhouding der wet naar eene

1 Verg. deel III 558 v.

Sluiten