Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den wijnstok in, Joh. 15 :1—-10. Daardoor worden zij in staat gesteld, om vruchten te dragen, die den naam des Vaders verheerlijken, Joh. 15:8, om door het geloof de werken te doen, die Hij deed, Joh. 14:12, om zijne geboden te bewaren en in zijne liefde te blijven, Joh. 14:15,24, 15 : 5, 10. Onder deze goede werken, welke de discipelen van Jezus hebben te volbrengen, nemen die van zelfverloochening en kruisdragen ongetwijfeld de eerste plaats in; met het oog op den haat en de vervolging, welke Jezus zelf ondervond en die ook het deel zijner discipelen zouden zijn, Joh. 15 :18, 19, kon dit ook niet anders; wie zich aan de zijde van Jezus wilde scharen en Hem navolgen, moest er alles voor over hebben, het huwelijk, Mt. 19:10—12, de liefde zijner huisgenooten, 10:35, 36, zijn rijkdom, 19 :21, ja zelfs zijn leven, 10 : 39, 16 : 25. Maar de positieve elementen ontbreken toch niet; Jezus zelf was geen asceet, maar nam aan bruiloft en gastmalen deel, Mt. 11: 19, Joh. 2:2, en veroordeelde zelfs alle weelde niet, Mt. 26 : 7—13 ; Hij legde ook aan zijne discipelen geen onthouding van huwelijk, spijs of drank op, Mt. 6:16, 9 :14, maar zag in de liefde de vervulling der wet, 5 : 43—48, 22: 37—40, was met geen geroep van Heere, Heere tevreden, maar wilde volbrenging van den wil Gods, 7 : 21, 12 : 50, eischte nauwgezette besteding van de toebetrouwde talenten, 25 :15—30, drong op trouw en voorzichtigheid (wijsheid, bedachtzaamheid) in het leven aan, 7:24,10:16, 24:15, en zeide, dat Hij eens de menschen naar hunne werken oordeelen zou.

Zelfs stelde Hij het koninkrijk der hemelen en het eeuwige leven menigmaal voor als een loon, Mt. 19:29, 25:34, 46, dat thans reeds in de hemelen bewaard wordt, 5 :12, 6 : 20, 19 : 21, Luk. 6 :23, en dat in de opstanding uitgedeeld zal worden, Luk. 14:14. En dat loon wordt dan uitgekeerd voor allerlei werken, voor het dragen van vervolging en smaad, Mt. 5:10—12, liefde tot de vijanden, 5 : 46, het geven van aalmoes, 6 : 4, volharding, 10:22, belijdenis van zijn naam, 10:32, dienstbewijs aan Jezus' discipelen, 10 : 41, 42, het alles verloochenen en verlaten, 19 : 21,29, het arbeiden in den wijngaard, 20:1—16, trouw in het beroep, 24:45—47, zorgvuldige besteding van toebetrouwde goederen, 25 :14—30, barmhartigheid jegens discipelen van Jezus, 25 : 32—46 enz. Er is dus geen twijfel aan, dat Jezus de gedachte aan loon als motief gebruikt, om zijne discipelen tot trouw en volharding in hunne roeping aan te sporen. Maar daarnaast spreekt hij even krachtig uit, dat wie iets doet voor de menschen, zijn loon bij Grod reeds verloren heeft, Mt. 6:2, 5, 16, dat het loon, bestaande in

Sluiten