Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geerlijkheden verlatende, in deze tegenwoordige wereld sobrie, juste et pie leven: sobrie ten opzichte van ons zeiven, juste tegenover den naaste en pie tegenover God. Bij de verdere beschrijving van het Christelijk leven ontvangen de negatieve deugden, zelfverloochening, kruisdragen, meditatio vitae futurae, een zeer sterken nadruk 1), maar de positieve deugden ontbreken toch niet 2). Ze deden bij Calvijn zelf en later bij de Gereformeerde belijders zeer sterk zich gelden op kerkelijk en staatkundig terrein, in huiselijk leven en bedrijf, maar oefenden minder invloed uit in wetenschap en kunst. Hier behield het Humanisme de heerschappij.

Van dezen kant ondervond de Reformatie dan ook eene steeds krachtiger tegenwerking. Hare geschiedenis toont, na eene korte periode van bloei, veel overeenkomst met een afbrokkelingsproces, waarin de rede zich emancipeert van het geloof en allerlei gebieden aan de heerschappij der theologie en den invloed van het Christendom onttrokken worden. Dit leidde tot het oppervlakkig rationalisme en moralisme der achttiende eeuw, waarin Kant met zijn zedelijk rigorisme en de volgende wijsgeeren met hunne idealistische stelsels wel eenige verheffing brachten, maar zoo, dat de richting der beweging bestendigd werd. De philosophische ethiek verdrong en verdringt tot op den huidigen dag de theologische moraal; van gene gaat tegenwoordig het stellen der problemen, het onderzoeken der menigvuldige vraagstukken, de leiding der geesten en de bestiering van het leven uit. Van eene andere zijde ondervond de Reformatie niet minder afbreuk. Daar waren van den aanvang af velen, die haar een halfslachtig conservatisme verweten en met name in hare belijdenis van de rechtvaardiging uit het geloof alleen zich niet vinden konden. Het waren dezulken, die nog leefden uit of terug-

x) Zeer eenzijdig is hierop gewezen door M. Schultze, Meditatio futurae vitae. Ihr Begriff und ihre herrschende Stellung im System Calvins 1901, en in: Cal\ins Jenseitschristentum in seinem Verhaltnis zu den religiösen Schriften des Erasmus untersucht 1902. Verg. deel III G00 en boven bl. 209.

-) Verg. mijn artikel Calvin and common grace in The Princeton Theol. Review, July 1909. Hoogst belangrijk zijn uit den jongsten tijd de artikelen van Max Weber, Die Protest. Ethik und der ><Geist des Kapitalismus, Archiv f. Sozialwiss. u. Sozial politik 1905 bi. 1-54. 1906 bl. 1-110, en van Troeltsch, Die Soziallehren der Christl. Kirchen, 1908 en 1909. Verg. ook ld., Protest. Christentum und Kirche in der Neuzeit, in het deel Die Christl. Religion in Die Kultur der Gegenwart bl. 253—458, en: Die Bedeutung des Protestantismus für die Entstehung der modernen Welt. Berlin 1906, en: Die Kulterbedeutung des Calvinismus, Intern. Wochenschrift 1910 bl. 449 v. 501 v.

Sluiten