Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

des Vaders, wijl zij de eenheid der geloovigen in Christus niet ziet, Joh. 17 :21. Wij kunnen ons als Christenen niet diep genoeg verootmoedigen over de scheuring en tweedracht, die alle eeuwen door in de kerk van Christus heeft bestaan; zij is eene zonde tegen God, in strijd met de bede van Christus, en veroorzaakt door de duisternis van ons verstand en de liefdeloosheid van ons hart1). En het is te begrijpen, dat vele Christenen zich telkens weer hebben laten verleiden tot de poging, om die vurig begeerde eenheid der kerk van Christus, hetzij door gewelddadige middelen, vooral door den sterken arm der overheid, of op kunstmatige wijze, door syncretisme en fusie, tot stand te brengen of in stand te houden 2). Maar ter anderer zijde mogen wij toch ook niet vergeten, dat de mislukking van al deze pogingen ons iets te leeren heeft. De historie is evenals de natuur een werk Gods; zij gaat niet buiten zijne voorzienigheid om; Christus is door zijne opstanding en hemelvaart verheven tot Koning aan des Vaders rechterhand en zal dat blijven, totdat al zijne vijanden onder zijne voeten gelegd zijn. Hij regeert, ook over de verdeeldheden en scheuringen van zijne kerk op aarde. En zijne bede om hare eenheid is niet voortgevloeid uit onbekendheid met hare geschiedenis noch ook uit onmacht tot hare regeering; in en door de verdeeldheid heen wordt zij dagelijks verhoord en hare volkomen vervulling tegemoet gevoerd. De diepe, geestelijke zin, waarin de eenheid zijner discipelen door Jezus opgevat wordt, sluit juist alle gewelddadige of kunstmatige poging tot hare invoering uit. Christus, die er om bad, kan ook alleen haar tot stand brengen; zijne bede is waarborg,

1) Gunning, De eenheid der kerk 1896. Hooger dan de kerk 1897. Rekenschap 1898.

2) Verg. bijv. 1ff. C. Rogge, Hugo de Groots denkbeelden over de hereeniging der kerken, Teylers Theol. T. 1904 bl. 1-52. F. X. Kie.fi, Der Friedensplan des Leibniz zitr Wiedervereinigung der getrennten christl. Kirchen. Paderborn Schoningh 1904. K Brauer, Die Unionsthatigkeit John Duries unter dem Protektorat Cromwells. Marburg Elwert 1907. J. von Döllinger, Ueber die Wiedervereinigung der christl. Kirchen. Leipzig 1896. Joseph Moog, Die \\ iedervereinigung der christl. Konfessionen. Bonn 1909. In Engeland, Schotland, Amerika, Australië is er een krachtige drang naar eenheid; de zendingsconferentie te Edinburgh legde daarvan een sterk getuigenis af, en velen streven ernaar, om, zooals Principal Forsyth het onlangs uitdrukte, »the United States of the Ohurch tot stand te brengen. En in Duitschland, waar de confessies op gespannen voet staan, gaat menigmaal een stem op, die voor confessioneelen vrede pleit, bijv. L. K. Goetz, Ein Wort zum konfess. Frieden. Bonn 1906. P. Tschackert, Modus vivendi. München 1908. B. Schmölder, Zum Frieden unter den Konfessionen. Bonn 1910 enz.

Sluiten