Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omkomen. De Heere zal het huis Jabobs wel niet ganschelgk verderven, maar Hij zal het toch schudden als in een zeef en de zondaars doen sterven door het zwaard, Am. 9:8—10. Als de Heere Israël en Juda wederbrengt, zal Hij hen eerst in de woestijn leiden en daar met hen richten eu de goddeloozen uitzuiveren, Hos. 2 :13r Ezech. 20 : 34v. Yele mannen zullen dan vallen, zoodat zeven vrouwen éénen man zullen aangrijpen, Jes. 3 : 25—-±: 1. De verdelging is vastelijk besloten, slechts een overblijfsel zal wederkeeren, Jes. 4: 13, 6:13, 7:3, 10:21, 11: 11. De Heere zal de kinderen Israels dorschen en dan één bij één oplezen, Jes. 27:12. Hij zal de hoogmoedigen verdoen, maar een arm en ellendig volk doen overblijven, Zeph. 3:21, en zijn werk in het leven behouden, Hab. 3: 2. Eén uit eene stad en twee uit een geslacht zullen wedergebracht, Jer. 3:1-4, twee deelen zullen uitgeroeid, maar het derde deel zal gelouterd worden, Zach. 13:8, 9. Doch deze overgeblevenen zullen dan den Heere tot een heilig volk zijn, dat Hij zich ondertrouwt in eeuwigheid, Hos. 1:10, 12, 2 :15, 18, 22, Jes. 4 : 3, 4, 11: 9. De Heere vergeeft hun alle ongerechtigheid, wascht hen van al hunne onreinheid, geeft hun een nieuw hart, stort zijnen Geest op allen uit, doet alle afgoderij en tooverij uit haar midden verdwijnen, en richt een nieuw verbond met hen op, Mich. 5 :11—14, Joël 2:28, Jes. 44:21—23, 43:25, Jer. 31:31, Ezech. 11:19, 36:25—28, 37 :14, Zach. 13: 2 enz. Een onreine zal er onder hen niet meer zijn, Jes. 52:1, 11, 12; allen zijn zij rechtvaardigen, Jes. 60:21, die, door God geleerd, Hem kennen, op zijn naam vertrouwen en geen onrecht doen of leugen spreken, Jes. 54 :13, Jer. 31: 31, Zeph. 3:12, 13. Alles zal er heilig zijn, tot zelfs de bellen der paarden toe, Zach. 14:20, 21. Want de heerlijkheid des Heerenis over hen opgegaan, Zach. 2 :5, Jes. 60:1, en God zelf woont onder hen, Ob. 21, Joël 3 : 17, Hos. 2 : 22, Zach. 2 : 10, 8 : 8 enz. Deze geestelijke weldaden sluiten 6° voor de Oudtest. profetie de verwachting in van het herstel van tempel en eeredienst. Volgens Obadja zal er op Sion ontkoming zijn; daar wonen de heilanden, die Israël beschermen en zijne vijanden richten zullen, vs. 17, 21. Joël profeteert, dat de Heere wonen zal op Sion, zijnen heiligen berg, en dat Jeruzalem eene heiligheid zal - zijn, die niet meer voor vreemden toegankelijk en eeuwig van duur zal zijn, 3 :17, 20. Amos verwacht, dat de steden van Palestina herbouwd en bewoond en Israël er nimmermeer uit verdreven zal worden, 9 : 14, 15. Micha verkondigt, dat, al zal Sion ook als een akker geploegd en Jeruzalem tot een

Sluiten