Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welyk voorval; maar laat ik eerst nog eens zién

óf myn waardfte Vader flaapt. Ja, myne

Lucia, hy is nog in eene zagte en diepe fluï-

mering: God geve, dat ze voordeelig zy!

Ik fchryf thands op myne kniè'en ter zyde van zyne hoofd peuluw, op dat niet de minde beweging hem mogt wakker maaken. — En nu, Vriendin, zal ik voortgaan met verhaalen.

De post-koets en vier van de flegtfle kaerels— ik behoef niet te zeggen, wie dit waren — mee den Baron en de voorgewendde Dames kwamen vroeg in den morgen om uwe Fanny af te haaien. Myn braave Vader bragt my aan de koets, en beval my nog aan de zorg van zynen geWaanden Vriend. Hy gaf hem nog de hand, en zeide, „ als zy in uwe handen is, dan ben ik gerust."

Ik weet niet hoe het bykwam, maar zoo als de koets onze kleine poort uitreed, overviel my eensklaps zekere vlaag van zwaarmoedigheid, j die ik te voren nimmer ondervonden had, en ik voelde my op het eigen oogenblik een traan uit de oogen wringen. De haatelyke Baton was uitermate vrolyk, vatte myne hand*

kuste die met een foort van ik weet niet,

welke —-— vervoering, en maakte myfommiges

com>

Sluiten