Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 6*3 )

dïg heeft opgepast. 'Ik beefde zoo gefaef»

dig, toen ik bezig was om myne havenloze? kleeding aan te trekken, dat ik vreesde ieder

oogenblik te zullen bezwyken; • niet dat

ik twyffelde of ik welzoo ver zou kunnen gaan, maar alleen uit vrees van ontdekt te worden.

De braave meid haalde my nog wat kruidenwyn, en een ffcuk geroost brood, en dwong my dit te gebruiken , om my hiermede , zoo als zy het noemde, wat te verfterken. — Zy fchreef met 'er haast een regel of wat aais haar moeder , en verzogt, dat haar broeder my, als ik het zoo goed vond, te paard naar huis zou brengen. — En nu myne waardlte, vlugtte ik met myne trouwe gids door de kleine deur op de plaats, welk wy, om dat ik zoo Vermomd was, beter keurden, dan uit het raam te klimmen.

Wy waren nu op de groote trap, en hier —. beeft gy niet voor my, Lucia? — hier ontmoetten wy niets minder dan de lakey van den eerlozen Branville, die naar bed ging! Ik maakte, zoo als gy wel begrypen kunt, dat ik voortkwam, zonder op myne vermomming te denken, die waarlyk niet kenbaar was; want de kaerel ," aan myn kleeding denkende dat ik

eer*

Sluiten