Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 74- ï

ongelukkigen (laat, dan eens duizelig, dan weder woedende, en fomtyds .fchreiende om zyne dochter. In dien tüsfchentyd bleef ik

veilig in de boeren wooning tot woensdag avond, want eerder kon de zoon van de goede vrouw , het met zyn werk niet fehikken om my thuis té brengen. Zy was van gedagte, en ik was het niet haar volkomen eens, dat, terwyl de maan by nacht fcheen, het voor my veiliger zyn zou by nacht, dan by dag te reizen: en dus fteeg ik op woensdag avond om tien uur in myn vermomd gewaad achter den braaven Jongen, die den weg zeer wel wist, te paard. Op weg gebeurde niets van belang, en welke blydfchap ftelde ik my niet voor van eerlang in de armen van mynen waardften vader te zullen mogen vliegen? Waarlyk, ieder uur was voor my zoo veel als anders tien, tot dat ik eindelyk thuis kwam, weinig, helaas! denkende dat ik getuige zyn zou van zoo een droevig Schouwfpel, als ik wel rasch tot myn innigst leedwezen moest zien.

Om tien uur in den morgen kwam ik gister aan onze ftulp , nadat ik den geheelen nacht had doorgereisd. Met eene onuitipreeklyke verrukking van blydfchap fteeg ik van hetpaardaf,

en

Sluiten