Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 108 )

moedig! Ach Juffer! ik zou u za¬

ken kunnen verhaalen , waarby uw noodlot

maar eene beuzeling is. 't Is waar ik doe

myn best om een wel te vreden en vrolyk gelaat aan te nemen; — maar ik heb daar"

terwyl hy zyn hand op zyn borst leidde

s „ ik heb daar myne beproevingen gehad,

— Terwyl wy nog een uur of twee kunnen praaten, eer wy gaan eten zal ik u het voornaamfte van myne droevige lotgevallen mede-

deelen: de onheilen van anderen leeren

ons dikwyls onze eigene met geduld verdragen."

„ Indien het niet onbefcheiden zy," hernam ik, „ zal het my zeer aangenaam zyn zulks te hooren."

„ Onbefcheiden!" riep hy, „ geenszins. —•. Met blydfchap zal ik u verhaalen. 't geen by aanhoudendheid het onderwerp is van myne gedagten."

Hy begon dan zyn klein Ieevens- verhaal, voor zoo verre ik my herinneren kan, met de volgende woorden.

„ Ik ben de zoon van een welgegoed landman , die, na verfcheide geflagten vóór hem, het aangename kleine landgoed bewoonde, welk

thauds

Sluiten