Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en zieklyk uit. - Onder het avondmaal begonnen zy een gefprek over de poëzy, doch ik zweeg ftil.

„ Ik twyffel niet," zeide myn vrypostige nicht Emilia, „ of gy zult een vers maaken op uw affcheid van Walles,, die verrukkende plaats.

Ik denk dat gy altoos een zanggodin aan

uw zyde hebt O ! ik ben zoo blyde dat

gy gekomen zyt! Nu wy zoo een vernuft

onder ons gekregen hebben, zal het ons n'et haperen aan kwinkflagen, aan naamverfen en aan raadzels,"

Haar moeder vond deze aanmerking byzonder fneedig, en gaf haar dochter een oogwenk Van goedkeuring ten blyke van haar genoegen. • Carolina zat ftilletjes te lagchen.

Ik was verwonderd , dat ik in al dien tyd myn oom niet gezien had; maar ik bemerkte rasch, dat hy hier in huis zoo veel in aanmerking komt als een nul in het cyfer; hy was toen in een andere hoek van het huis bedlegerig aan zyn Jaarlykfche podagra. — Myn Tante, merk ikn heeft het geheel bellier over alles wat 'er om^gaat, en vleit zich zelve met de benaaming, die zy dikwyls ui den mond heeft, van een

gróflt-

Sluiten