Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 1Ö2 ,

hmgexl\ :— *k moet je zeggen, Juffer fe?

ny, het gaat al te ver!"

„ Zagt, zagtwat, Monfon!" zeide ik; „ gy zegt, dat ik geen vriend heb; maar gy vergeet zekerlk, dat ik den Almagtigen Beftierer van 'c heelal tot myn leidsman en befchermer heb;

Hy is in alle gevallen de helper der verdrukte onfchuld, en Hy zal my ongetwyffèld ^ewaaren, daar ben ik niet het minfte bedug* voor."

Zy veegde de traanen van hare wangen.

„ Ach, lieve Jpnge Juffer?" hernam zy,— „ myn arme dochter Patty had net zulke oogen als jy. —- Doch laat ik hier niet meer,

aan denken, zy is tegenwoordig al inden

Hemel. — Ik bid je toch, Juffer Fanny, verfmaad dit gering gefchenk van Monfon niet. Neem deze Snuif - doos van my tot een gedag* ;enis."

Wel zoo , dagt ik by my zelve , het fchync dat de prefenten voor my, allen van avond ko-

men. m ik nam deze kleene gedagtenis

aan, fchoon ik dat van den armen Belford — Ja ik mag het nog wel eens zeggen — den ongelukkigen Belford, •— niet heb kunnen doen. —

Doek

Sluiten